|
Veldliederen
 't Veldlied
Als j'een clubje van toffe kind'ren ziet
van je heidel diedel doedel diedel da (ha ha)
en je hoort van ver reeds een vrolijk lied
van je heidel diedel doedel diedel da (ha ha)
hola hi hola ho
hola hi hola ho
wij komen van het Veld
Toffe jongens knappe meisjes
kind'ren die zingen als sijsjes
van je heidel diedel doedel diedel da (ha ha )
Ons anti-pestlied
Pestkop let nu even op
zet je pestwerk nu maar stop
zeker op de Veldschool
Pestkop stop stop stop
Slaat hij jou soms op de kop
roep dan heel snel stop stop stop
Pestkop stop met pesten
Pestkop stop stop stop
Iedereen kent wel zo'n kind
Je weet wel wat ik daarvan vind
Samen kunnen we weerstaan
Nee, we laten niet begaan
Komen tranen in je op
schiet er in je keel een krop
roep dan naar die pestkop
pestkop Stop Stop Stop
Daarom kind'ren let eens op
Staat de klas soms op z'n kop
volg dan nooit zo'n pestkop
Pestkop stop stop stop
Ons Axenrooslied
STARTSTROFE:
Och wat is het heerlijk om jong te zijn
elke dag maar weer
we zingen en springen
het is hier feest
iedereen doet mee
REFREIN:
Elke dag een feest
elke dag maar feest
Ja op het Veld is dat wat telt
Elke stap die ik zet
een momentje van pret
want wij zijn van het Veld
Strofe1: de uil

Och wat is het heerlijk om uil te zijn
elke dag maar weer
hij zit daar en kijkt maar
en doet niet mee
hij houdt elk geheim
Strofe2: de steenbok
Och wat is het heerlijk om steenbok te zijn
elke dag maar weer
hij stoot met zijn kop
en hij gaat flink te keer
altijd in 't verweer
Strofe3: de bever
Och wat is het heerlijk om bever te zijn
elke dag maar weer
hij werkt en hij helpt
ja hij steunt iedereen
altijd staat hij klaar
Strofe4: de poes
Och wat is het heerlijk om poes te zijn
elke dag maar weer
ze geniet van de dag
en beloont met haar lach
poesjes krijgen graag
Och wat is het heerlijk een schildpad te zijn
elke dag maar weer
Onzeker, vol twijfels
ik ben erg bang
ik kruip in mijn schelp
|
Ons
Wilgenlied
Wij zijn de bende van de
wilg
de bende die gaat planten en verplanten op de Veldschool
wij zijn de vriend van de natuur
want wij zijn de bende van de wilg
en blijven herhalen en herhalen en
herhalen..... |
|