|
’t Veld
...wie hier zoekt, die vindt… TOC \o "1-4" \h \z \u Inhoudsopgave 4 Leerplicht en toelatingsvoorwaarden 9 Revalidatie tijdens de lesuren 13 De leerkracht in de klas (organisatie - management) 16 De leer- en vormingsgebieden Hoofdstuk 1: Algemene Bepalingen Hoofdstuk 2: Richtlijnen i.v.m. afwezigheden en te laat komen Hoofdstuk 3: Bepalingen i.v.m. onderwijs aan huis Hoofdstuk 4: Afspraken i.v.m. huiswerk, agenda's en rapporten Hoofdstuk 7: Geldelijke en niet-geldelijke ondersteuning Hoofdstuk 9: Algemeen rookverbod Hoofdstuk 11: Vertrouwenspersoon Hoofdstuk 12: Overdracht van het multidisciplinair CLB-dossier Hoofdstuk 13: Deelname aan extra-murosactiviteiten Hoofdstuk 14: Engagementsverklaring Hoofdstuk 15: Slotbepaling ……………………………...………………………………...…………………..41 Vrij Centrum voor Leerlingenbegeleiding
|
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
Maandagvoormiddag |
8.40 u - 11.55 u |
|
Maandagnamiddag |
13.00 u - 15.30 u |
|
Dinsdagvoormiddag |
8.40 u. - 11.55 u |
|
Dinsdagnamiddag |
13.00 u.- 15.30 u |
|
Woensdagvoormiddag |
8.40 u - 1 1.45 u |
|
Donderdagvoormiddag |
8.40 u - 11.55 u |
|
Donderdagnamiddag |
13.00 u - 15.30 u |
|
Vrijdagvoormiddag |
8.40 u - 11.55 u |
|
Vrijdagnamiddag |
13.00 u - 15.00 u |
Vereniging Scoebidoe:
Klik
Ctrl + tekening voor de site
Opvang: elke morgen vanaf 7.00 u, ‘s avonds tot 18.15 u.
Hiervoor zorgt Aurélie (0474/56 04 78 – aurélie.vande.gucht@gmail.com
Fruitsap 0,30
euro
Chocomelk 0,30 euro
Melk 0,30 euro
Soep 0,30 euro
Warm middagmaal
Kleuters 1,90
euro
1e en 2e leerjaar 2,30 euro
3e tot 6e leerjaar 2,50 euro
Revalidatietussenkomsten tijdens de lesuren kunnen enkel schriftelijk
worden aangevraagd door de ouders (of de voogd) van de leerling bij de directeur. Deze aanvraag moet vergezeld zijn van een verslag opgesteld door een geneesheer, een erkend revalidatiecentrum, een CLB-centrum of een dienst voor geestelijke gezondheidszorg. De klassenraad bestaande uit de directeur, de groepsleraar, de taakleraar en de vertegenwoordiger van het CLB-centrum geven advies over deze aanvraag.
De revalidatietussenkomsten mogen niet meer dan twee lestijden van 50 minuten per week bedragen. De revalidatietussenkomsten hebben bij voorkeur plaats in de school. De verplaatsingsduur tijdens de lesuren mag in geen geval meer dan 30 minuten per dag zijn.
Extra-muros-activiteiten zijn de activiteiten georganiseerd voor een groep leerlingen die plaatsvinden buiten de schoolmuren, waarbij de leerlingen deze lessen of activiteiten dienen te volgen.
De extra-muros-activiteiten vormen een deel van het schoolgebeuren van de kinderen. Deze activiteiten worden ingepast in het leerprogramma van de school. Opdat elk kind kan deelnemen aan deze activiteiten voorzien we voor kinderen die, omwille van religieuze, culturele of andere overtuiging andere voedingsgewoonten hebben, aangepaste voeding.We rekenen er dan ook op dat alle ouders hun schriftelijke toestemming geven hun kind deel te laten nemen aan deze activiteiten.
1 In de klas, tijdens de
lessen
![]()
Door een zo groot mogelijke waaier van werkvormen te gebruiken, beoogt men een ruime ontwikkeling te bereiken, waarbij ook accenten gelegd worden op het sociale en emotionele.
Zo kunnen de volgende werkvormen aan bod komen, afhankelijk van de situatie en het onderwerp: voordracht (door leerkracht en leerlingen), groepswerk, hoekenwerk, zelfstandig werken, spelvorm, leerwandeling, contractwerk, individuele begeleiding,
onderwijsleergesprek, kringgesprek.
De leerlingen van de lagere school gaan op vrijdagvoormiddag afwisselend naar de sporthal en naar het zwembad. Telkens worden de lessen gegeven door een bijzondere leermeester L.O. De kleuterleiders verzorgen de bewegingsopvoeding voor de kleuters. Ook de oudste kleuters gaan regelmatig naar het zwembad. Er is voor elke leerling eenmalig een gratis T-shirt met het schoolembleem voorzien.
Er wordt gedifferentieerd waar mogelijk. Vooral door het creëren van subgroepen poogt men niveauverschillen, tempoverschillen, de graad van belangstelling, ... weg te werken. Zelfs klasoverschrijding kan overwogen worden. Een efficiënte differentiatie veronderstelt een grondige observatie en evaluatie van de leerlingen, gekoppeld aan een efficiënte rapportering naar ouders, collega's, CLB, ... (zie ons leerlingvolgsysteem)
4 Computers en educatieve
software
![]()
In elke klas staat minimum één computer (ook in de kleuterklassen). Deze computers zijn verbonden in netwerk met de hoofdcomputer van de directie. Zij zijn vooral bedoeld voor het efficiënt bijhouden van observaties, evaluaties, beschrijvingen van toetsen en remediëringen. Zij worden echter door de leerlingen ook gebruikt in de dagelijkse klassenpraktijk. Zo worden in de 2e en 3e graad wekelijks internetsessies georganiseerd, waarbij de leerlingen o.a. de eigen website van de school en die van andere scholen bezoeken. In de 3e graad worden de leerlingen aangespoord om buitenlandse sites te bezoeken. Daarnaast streeft elke titularis ernaar een aantal educatieve programma's aan de leerlingen aan te bieden, waarbij niet alleen het educatieve van het programma op zich belangrijk is, maar ook, en misschien vooral, het leren omgaan met het medium computer.
5 Van kleuter naar lager, van
lager naar secundair
![]()
Tussen de leerkrachten van de 3e kleuterklas en het 1e leerjaar worden afspraken gemaakt om een vlotte overgang te waarborgen: klasbezoekjes, gebruik van gelijkaardige materialen, overeenkomstige afspraken tussen kinderen en leerkrachten. Elk jaar wordt één middelbare school bezocht met de 3e graad, afwisselend een ASO school en een TSO school. Daarbij wordt zoveel mogelijk informatie aan de zesdejaars doorgespeeld, i.v.m. de middelbare scholen uit de regio, busdiensten, CLB.
Waar mogelijk worden doorheen de ganse school afspraken gemaakt om gelijkaardig te werken, uiteraard aangepast aan het niveau. Daarbij wordt gedacht aan tijdlijnen, kalenders, weerobservaties, markeringen van kapstokken, ... die op dezelfde manier doorheen de ganse school gebeuren.
Voor ons LVS opteren wij voor Omniwize, dit systeem is on line, steeds beschikbaar en gebruiksvriendelijk. Verder is het een uiterst veilige opslagvorm en ook een mooi ogend geheel.
In de kleuterklassen is het observeren van de kinderen zeer belangrijk. Elke observatie wordt nauwgezet vermeld in LVS, zodat de volgende leerkrachten via het doornemen van alle fiches, reeds een scherp beeld krijgen van het kind dat zij in hun klas mogen verwachten.
Observaties zijn leerkracht-klasgebonden. Belangrijke observaties van kinderen uit andere klassen worden ook door de leerkrachten gemeld.
Vanaf dit schooljaar wordt een systeem uitgedokterd om én kleuterafdeling én lagere afdeling consequent te volgen, via een systeem van fiches. We werken er aan.
In de lagere school worden drie keer per jaar examens georganiseerd: voor de kerstvakantie, voor de paasvakantie en op het einde van het schooljaar. De rapportering gebeurt verplicht via Omniwize, waarbij elk examen dient omschreven te worden. Daarnaast wordt ook bij de andere vakanties geheel of gedeeltelijk gerapporteerd.
Het zesde leerjaar neemt informeel, maar consequent, deel aan de OVSG-toetsen, waarbij achteraf een analyse volgt, en de resultaten vergeleken worden met de gemiddelde scores.
De leerlingen van de lagere school krijgen minstens twee keer per week huistaken. Afspraak is dat het beperkte taken blijven, die vooral als bedoeling hebben enerzijds de leerkracht te laten toetsen wat er al dan niet overblijft van de lessen, en anderzijds het kweken van een attitude voor het correct en stipt maken van taken. Bij specifieke taken, zoals het leren van Franse woordjes, en het aanvankelijk lezen, worden de ouders zoveel mogelijk betrokken bij de huistaken.
Elke taak wordt nauwgezet verbeterd, elk schrift regelmatig nagezien. Het nazien wordt gemerkt door een paraaf of een opmerking. Bij verbetering kan een quotering genoteerd worden en verwerkt in LVS.
Verschillende vormen van verbeteren worden toegepast: integraal door de leerkracht, klassikaal, individueel, gedeeltelijk door leerkracht en door leerling (bv. Leerkracht onderstreept de fout, maar verbetert niet, leerkracht duidt de lijn aan waarin een fout staat, de leerling zoekt dan zelf de fout, ...)
Er wordt ook steeds gecontroleerd op orde, netheid, schrift.
Dit wordt zoveel mogelijk vermeden. Zo vlug mogelijk worden probleemgevallen gemeld aan de directie, die in samenwerking met CLB en het schoolteam, een programma opstelt om de leerling bij te trekken. Hierbij worden GOK-leerkracht, Zorg-leerkracht, CLB, logopedie ingeschakeld.
Op
het einde van het jaar wordt door alle partijen geoordeeld of er kan
overgegaan worden, en eventueel met welke consequenties (bv. verder
zetten van het programma). De ouders worden zo snel mogelijk van
eventuele problemen op de hoogte gebracht. Elke conclusie, remediëring,
therapie ... wordt nauwgezet gemeld in Omniwize.
Elk rapport moet worden opgemaakt via Omniwize. Bij elke punteningave moet de toets die tot de quotering geleid heeft, zo goed mogelijk omschreven worden en indien mogelijk gesitueerd in het leerplan, met vermelding van leerlijnen en doelstellingen. Bij onvoldoende resultaat stelt de leerkracht zelf een remediëring voor, die hij ook omschrijft in Omniwize. Hij volgt de leerling op en vermeldt het resultaat van zijn remediëring in LVS. Dit voorkomt dat remediëringen die voor de betrokken leerling niet blijken te werken, ook nog door volgende leerkrachten worden toegepast.
1 De klasagenda van de
leerkrachten
![]()
Daar de agenda een nuttig en nodig instrument is, en op elk ogenblik moet kunnen voorgelegd worden, is er vanuit de directie een sterke vraag naar de leerkrachten om dit instrument consequent in te vullen:
Daarom gelden volgende afspraken:
- Als de gevolgde methode voor een bepaalde les duidelijk de doelen, de materialen, de lesgang, de evaluatie voor een bepaalde les omschrijft, heeft het geen zin dit over te schrijven in de agenda. Een verwijzing naar met vermelding van pagina('s) is voldoende.
- Als een les door eenzelfde leerkracht reeds een aantal jaar na elkaar voor dezelfde groep gegeven wordt, volstaat een verwijzing naar het klasboek van vorige jaren, als die tenminste kunnen voorgelegd worden.
- Als een les gegeven wordt door een bijzondere leermeester, wordt begin- en einduur vermeld, samen met het betreffende vak.
- Daar toetsen, evaluaties en remediëringen in Omniwize dienen te worden ingevoerd, heeft het geen zin deze ook nog eens in het klasboek in te schrijven.
Als de gebruikte methode voor een leerstofonderdeel een jaarplan ter beschikking stelt, wordt dit vooraf getoetst aan de haalbaarheid binnen de school. Dit instrument wordt dan, eventueel aangepast, gedurende het schooljaar gebruikt.
lndien de methode niet voorziet in een planning op jaarbasis, wordt er door de leerkracht zelf een planning opgesteld. Als men voorziet dat de gebruikte methode ook de volgende jaren zal gebruikt worden, stelt men zijn jaarplanning zo op dat ze de volgende jaren ook te gebruiken is, eventueel met aanpassing.
De
leerplannen in onze school zijn deze van het OVSG. Via Omniwize
beschikt elke leerkracht over de leerplannen wiskunde en taal. De
andere leerplannen zijn ter beschikking van de leerkrachten, en kunnen
eventueel ook op CD-ROM geraadpleegd worden.
Op school is er een bibliotheek, die elk jaar bijgevuld wordt. De werken zijn aangepast aan het niveau van de leerlingen, waarbij bijzondere aandacht gaat naar de zwakke lezers.
Het gebruik van de boeken is volkomen vrij en gratis. We houden nauwgezet bij wie welk boek ontleent. De boeken, die meegenomen worden naar huis, dienen met zorg behandeld te worden. Elke leerling van de lagere afdeling krijgt een pasje voor de bieb. Tijdens de ontleenmomenten kan men in de zithoek op een rustige manier reeds wat lezen, kijken,… De catalogus van de aanwezige werken staat op de site. Klik eventueel op het blote ventje. (Ctrl+klik)
De inrichting van de klas is de taak van de leerkracht. Hierbij wordt er in de mate van het mogelijke gezorgd voor een gezellige ruimte. De schikking van de tafels is zodanig dat het bord goed kan gezien worden.
Planten
in de klas zijn aangenaam. Er wordt echter voor gezorgd dat zij niet
storend zijn, en goed onderhouden worden. Hierbij kunnen de leerlingen
ingeschakeld worden. Ook bij het afvegen van het bord en het netjes
houden van de klas kunnen de leerlingen taken toebedeeld krijgen.
Door de leerkrachten wordt nauwlettend toegezien of leerlingen zich gedragen tegenover anderen, vooral dan zwakkeren. Men moet doorlopend beducht zijn voor alle mogelijke vormen van pestgedrag door de leerlingen. Men moet onmiddellijk ingrijpen met sancties die meestal door de leerkracht kunnen opgelegd worden, maar die in erge gevallen in onderling overleg, eventueel zelfs met de ouders, zullen bepaald worden.
Onze school is een nette school. Op om het even welk moment, op om het even welke plaats, moet de school een voorbeeld van netheid zijn. Uitzonderingen mogen er nooit zijn.
De leerkrachten laten hun leerlingen zo weinig mogelijk zonder toezicht. Alleen als het niet anders kan, mag een klasgroep alleen gelaten worden. Daarom gaan de leerlingen in groep naar de refter, in groep naar de speelplaats, in groep naar de bus. Bij het binnenkomen van de school (na de speeltijden) weerklinken twee belsignalen. De eerste om de rangen te vormen, de tweede bel om stilte te eisen. Complete stilte is het gevolg. Wie dit signaal negeert wordt consequent gestraft.
GSM, MP3-spelers, computerspelletjes en andere elektronische toestellen zijn verboden op school. Alle wapens ( in de brede zin van het woord) zijn ten allen tijde verboden op school. Ook de speelgoedversies vallen onder deze regeling.
Elke vorm van overleg zal vooral tot doel hebben afspraken te maken, of de aanpak van een leerling of leerlingengroep vast te leggen.
Het
is de jarenlange ervaring van het team dat tijdens klasvrije momenten
(speeltijd, middagpauze, ...) vaak informeel overleg gepleegd wordt
tussen enkele of meerdere leden van het team. Dit overleg is zeer
waardevol, maar heeft als nadeel dat er zelden een neerslag wordt van
gemaakt, zodat de teamleden die niet bij het overleg aanwezig waren, er
ook de inhoud niet van te weten komen.
Minstens één keer per maand, in principe de eerste dinsdag van de maand, is er personeelsvergadering. Belangrijke afspraken en doorloopafspraken worden hier gemaakt. Hier wordt ook overleg gepleegd i.v.m. de gehele werking en organisatie van de school, en worden de standpunten van het team bepaald t.o.v. inspectie, inrichtende macht, ouders, CLB,
Ouders worden bij problemen zo snel mogelijk op de hoogte gebracht, en indien mogelijk betrokken bij de te volgen strategie.
lndien er rapporten zijn voor de leerlingen, worden die eerst meegegeven naar huis, en de eerste daaropvolgende schoolweek wordt er op een avond een oudercontact voorzien. Zo hebben de ouders ruimschoots de gelegenheid gehad het rapport grondig te bekijken. De ouders kunnen ook steeds op school terecht, ook na de schooluren als er iemand aanwezig is.
4 Contacten met de inrichtende
macht
![]()
Die verlopen ofwel via de directie, ofwel via de schoolraad. Omwille van het pluralistisch karakter van de school, is er weinig fundamentele inmenging van de i.m. . De i.m. van onze school zorgt vooral voor het materiële en personeelsaspect van de school.
Na elk onderzoek van een leerling of leerlingengroep, volgt er indien nodig een overlegmoment met het CLB. De verantwoordelijke van het CLB komt daarvoor naar de school, of handelt de zaak telefonisch af indien mogelijk.
Bij het begin van het schooljaar wordt er met het CLB overleg gepleegd, en wordt een planning opgesteld, zowel naar het medische als het pedagogische aspect. Het CLB stelt de planning voor met de onderwerpen. De directie tekent voor akkoord.
6 Contacten met de begeleiding
![]()
Er zijn slechts sporadisch contacten met de begeleiding. De school neemt enkel het initiatief bij bijzondere moeilijkheden, of bv. bij de invoering van een nieuwe methode, waarbij aan de begeleiding gevraag wordt of en welke ervaringen er zijn met de mogelijke methodes. Vanuit de begeleiding zelf komt er elk jaar een begeleider een bezoek brengen, waarbij dan een aantal suggesties worden overgebracht.
In tegenstelling tot vroeger komt de inspectie slechts weinig op school. Het is dan ook niet eenvoudig het standpunt van de inspectie i.v.m. het school- en klassengebeuren te kennen. De school neemt echter bij belangrijke zaken het initiatief om de mening van de inspectie te vragen, of de inspectie indien mogelijk, bij het overleg te betrekken.
16
DE LEER- EN VORMINGSGEBIEDEN
Het referentiekader waarbinnen de leer- en vormingsgebieden worden geconcretiseerd, zijn de ontwikkelingsdoelen en eindtermen met de gehanteerde goedgekeurde leerplannen enerzijds, en het eigen pedagogisch project anderzijds.
Belangrijk bij het bepalen van de structuur, is dat de uitgewerkte gebieden een samenhangend geheel vormen.
Bij de keuze van 'methoden' wordt ervan uit gegaan dat één bepaalde methode doorheen heel de school, indien mogelijk, wordt gevolgd.
lndien meerdere methoden voldoen aan de ontwikkelingsdoelen - eindtermen en het goedgekeurde leerplan, dan zal het al dan niet aangeven van een duidelijke planning doorheen het jaar, en het aanwezig zijn van alle deelaspecten van de methodische aanpak, vaak doorslaggevend zijn voor het kiezen voor een bepaalde methode. Wij gaan ervan uit dat alle voorbereidend werk i.v.m. leerstof, taken, evaluatie, remediëring, differentiatie, illustratie, ... in de methode moet aanwezig zijn, zodat de leerkracht zich maximaal kan toeleggen op de grondige kennis van de gebruikte methode, waarbij hij of zij zeer goed op de hoogte is van wat vooraf ging en van wat komen zal.
Hoewel de aanschaf van een methode een dure aangelegenheid is, zal het team niet aarzelen, indien een bepaalde methode niet blijkt te bieden wat verwacht was, over te schakelen naar een andere. Hierbij zal steeds contact gezocht worden met de begeleiding, andere scholen, inspectie, uitgeverijen. In die optiek is het aangewezen dat de leerkrachten regelmatig de informatiebijeenkomsten van de verschillende uitgeverijen bijwonen, om daar reeds een eerste indruk op te doen.
De gehanteerde leerplannen zijn deze van OVSG, de onderwijscel van de Vereniging van Belgische Steden en Gemeenten (VBSG).
Bij het overschakelen naar een nieuwe methode zal dus in de eerste plaats nagegaan worden of deze methode in overeenstemming is met de leerplannen van OVSG.
Elk kind telt op ’t Veld. Iedereen is uniek, dus iedereen mag een eigen aanpak vereisen. Met ons zorgbeleid pogen we om elk kind datgene te geven waar het recht op heeft. Ieder kind moet de kans krijgen zich volledig te ontwikkelen en daartoe de nodige hulp krijgen. De lessen zijn niet altijd voor iedereen even vlot te volgen, sommigen haken af, anderen krijgen het moeilijk om bij te blijven. Sommige kinderen hebben niet genoeg aan het gewone aanbod. Anderen worstelen met socio-emotionele problemen. De zorgwerking is erop gericht om alle zorgkinderen optimaal te kunnen begeleiden en opvolgen. Daarom beschouwen we de zorguren en GOK–lestijden zoveel mogelijk als 1 pakket. Leerkrachten volgen dagelijks de evolutie op, planmatig wordt er regelmatig getoetst, geobserveerd en ontwikkelingen of vorderingen/tekorten worden besproken en geëvalueerd.
Via het 5 stappenplan proberen we voor elk kind een doeltreffend zorgbeleid uit te stippelen. Dit alles wordt gecoördineerd en gestructureerd door de zorgcoördinator.
Zorg is geen éénmanszaak maar wordt door het hele team gedragen, enkel door een goede en zinvolle samenwerking van alle leden kunnen we spreken van een goed en gedragen zorgbeleid.
Zorgbeleid: het 5-stappenplan, een beknopte uitleg:
Werkwijze:
we maken een onderscheid tussen eerstelijnszorg en tweedelijnszorg:
KORTE TERMIJNZORG =
EERSTELIJNSZORG
o =zorg die geen specifieke en langdurige aanpak vereist en door de titularis wordt bijgestuurd.(bv: herhaling van een niet begrepen stuk leerstof, een welbepaalde les herhalen, een concreet probleem, inhaallessen na ziekte…)
o =zorg die zowel klassikaal of in kleinere groepen of individueel kan gebeuren.
o =zorg die zowel klasgebonden preventiemaatregelen alsook klasinterne differentiatie en/of remediëringsmaatregelen kan bevatten.
o Elke klastitularis is verantwoordelijk voor de korte termijn zorg van zijn eigen klas. Neerslag te vinden in LVS-Omniwize.
o Korte termijn zorg (eerstelijnszorg) doet eigenlijk dienst als preventieve maatregel om te voorkomen dat kinderen nog grotere problemen en achterstanden oplopen en dus op lange termijnzorg terecht komen.
LANGE TERMIJNZORG = TWEEDELIJNSZORG
o =als problemen repetitief zijn
o Zorgcoördinator is verantwoordelijk voor de lange termijnzorg, steeds in overleg en nauwe samenwerking met de titularissen en andere leden van het zorgteam.
o We werken naar de oorzaak toe en sluiten wanneer mogelijk aan bij de klassenpraktijk.
o het 5 stappenplan:
1. Signaleren: klassenpraktijk, observaties, taken, rapporten, LVS -testen, AVI –testen of andere testen,…….
2. Analyseren: A. omschrijven/ verhelderen van het probleem, probleem zo concreet mogelijk analyseren (foutenanalyses)
B. MDO organiseren (zorgteam, CLB, eventuele externe hulp zoals logo, GON, REVA,…..)
Tijdens dit MDO worden alle kinderen overlopen, maar enkel de kinderen die op lange termijnzorg terecht komen hebben een neerslag in het LVS-Omniwize.
3. Oplossingen voorbereiden = handelingsplannen opmaken in overleg
4. Oplossingen uitvoeren = handelingsplannen uitvoeren: klasinterne differentiatie en/of remediëringsmaatregelen.
5. evaluaties: A. MDO organiseren(zorgteam, CLB, externe hulp)
B. evaluaties vermelden in LVS-Omniwize, effecten, vorderingen, leerwinst, verdere aanpak……

Via ons leerlingvolgsysteem LVS-Omniwize worden de kinderen nauwgezet geobserveerd en gevolgd. Vorderingen worden bijgehouden, tekorten worden opgemerkt. Zo laat het leerlingvolgsysteem zien hoe elk kind evolueert en ontwikkelt, wat elk kind nodig heeft, waar hulp geboden dient te worden. Dit gebeurt zowel voor het lager als voor het kleuteronderwijs. Al varieert de aanpak natuurlijk want in het kleuteronderwijs wordt er met observatielijsten gewerkt waar het welbevinden en de betrokkenheid en de competenties worden gescreend. Terwijl we in het lager onderwijs meer met testen en toetsen en losse observaties werken.Toetsen van het VCLB - LVS worden tweemaal per jaar afgenomen. Driemaal bij eventuele zittenblijvers. Ook op socio-emotioneel vlak worden de kinderen opgevolgd. Dit alles wordt bijgehouden in ons LVS–Omniwize. Vanuit het zorgteam wordt er advies gegeven aan ouders i.v.m. doorverwijzen van kinderen naar externe hulp: logo, GON, REVA of andere externen. Deze externen zijn nauw betrokken bij de zorgwerking: ze zijn aanwezig bij MDO’S, actiepunten van het GOK-beleidsplan, vergaderingen, nascholingen en ouderavonden, opstellen en uitvoeren en evalueren van handelingsplannen…..overleg met ouders. Het zorgteam geeft advies, steeds na overleg met CLB, naar heroriëntering toe.
Zorg op school heeft zeker ook te maken met het zich goed voelen in een sfeer van waardering en respect voor elkaar. Om dat te achterhalen, worden de leerlingen ook op socio-emotioneel vlak gescreend. Hoe is het met hun welbevinden en betrokkenheid in de klas, op de speelplaats en hun leefomgeving? Een pestbeleid is reeds jaren in ons zorgbeleid aanwezig. (zie item pestverantwoordelijke).
Zorg op maat dient gestructureerd aangebracht te worden, we willen vermijden om brandjes te blussen. Daarom zullen we na signaleren eerst analyseren, daarna oplossingen voorbereiden, vervolgens oplossingen uitvoeren en de gokuren benutten om te remediëren en te differentiëren en te werken aan de problematiek. Na verloop van tijd evalueren en desgewenst bijsturen.
Dus het 5-stappenplan effectief uitvoeren. We gebruiken hierbij 2 cycli per jaar:
Van september tot februari en van februari tot juni. Na iedere cyclus volgt een evaluatie.
Op deze wijze willen we onze zorgkinderen optimaal begeleiden. De neerslag van deze stappen houden we bij via het online LVS-Omniwize. Het leerlingvolgsysteem werkt reeds geruime tijd en biedt mogelijkheden naar én kind, én leerkrachten en externe hulp (CLB, logo, GON, REVA,….)
In dit alles zal de zorgcoördinator fungeren als een verdeelsleutel en helpen naar leerkrachten toe via ondersteuning, planning, … naar leerlingen toe via daadwerkelijke structurele hulp en op schoolniveau via het opstellen van een gedegen zorgbeleid. Dus opdrachten op 3 niveaus: schoolniveau, leerkrachtenniveau en leerlingenniveau. Vanaf het schooljaar 2009-2010 zijn daar ook opdrachten op niveau van de scholengemeenschap bijgekomen.
Het CLB werkt nauw samen met onze school. Zij volgen de gezondheid van onze kinderen op. Ook op leer- en ontwikkelingsgebied bieden zij deskundige hulp en informatie. Zij zijn direct betrokken bij onze zorgwerking, zijn aanwezig bij MDO’S, overleg met ouders, zijn betrokken bij actiepunten van het GOK-beleidsplan en doen verdere analyses van kinderen wanneer dit nodig blijkt. Extra oudercontacten zijn hierbij mogelijk.
Het CLB doet verdere analyse of geeft suggesties aan het zorgteam wanneer dit bij bepaalde leerlingen nodig is.
Het CLB test de ontwikkeling van de kinderen van de derde kleuterklas met het oog op de overgang naar het eerste leerjaar. In het tweede leerjaar testen ze de kinderen op lees- en schrijfproblemen (dyslexie) en ze staan in voor de oriëntering van onze laatstejaars via een ouderavond en individuele infosessies.
De taken van het zorgteam richten zich vooral op de coördinatie en afstemming tussen de verschillende aandachtsgebieden van de leerlingenzorg op school. De interne begeleider helpt de leerkrachten bij het observeren, onderzoeken en begeleiden van leerlingen. De taken situeren zich zoals eerder vermeld op 4 niveaus: schoolniveau, leerkrachtenniveau, leerlingenniveau en op het niveau van de scholengemeenschap.
Hierbij horen volgende taken:
- aanspreekpunt voor elke zorgvraag
- zorgbeleid ontwikkelen: een schoolspecifieke zorgaanpak organiseren
- introduceren en organiseren van een leerlingvolgsysteem
- registreren en dossiers beheren en deze toegankelijk maken voor alle betrokkenen (LVS-Omniwize)
- alle zorg en gokinitiatieven coördineren en ondersteunen
- MDO’s en een overlegstructuur organiseren (intern en extern)
- Het uitvoeren van pedagogisch en didactisch onderzoek: opstellen zorg- en gokbeleidsplan, documentatiemap dyslexie, documentatiemap leesinitiatie, LVS,…rode zorgmap
- samen opvolgen en evalueren van de interventies = handelingsplannen uitvoeren
- samen zoeken naar oplossingen en interventies = handelingsplannen opstellen
- oudergesprekken voeren in samenwerking met de klassentitularis
- info naar ouders sturen i.v.m. zorgwerking (zie brieven ouders)
- zelfevaluatie en bijsturing van zorg- en gokbeleid
- hulp bij leer- of gedragsproblemen aan individuele of groepjes leerlingen
- Het ondersteunen van leerkrachten in
het onderzoek naar aanpakmogelijkheden
voor leerlingen met specifieke hulpvragen.
- klassen overnemen bij afwezigheid van leerkrachten/bij bepaalde omstandigheden
- samenwerken en opstellen van de handelingsplannen en bewaken van het uitvoeren daarvan
- zorg en gokbeleid optimaliseren: het 5 stappenplan opstellen, uitvoeren en opvolgen
- het verwerken van de gegevens in
LVS-Omniwize
- gesprekken voeren met kinderen rond socio-emotionele
problemen
- afnemen, analyseren, bespreken, opvolgen en verwerken van allerhande signaleringstesten in functie van de zorgwerking (lager en kleuter)
- organisatie van contacten met externen (CLB, GON, REVA, nascholers)
- het specifieke remediëren van kinderen bij hardnekkige leer- en ontwikkelingsproblemen (lange termijnzorg)
- uitbouwen van een ortotheek/bibliotheek
- nascholingsaanbod helpen uitbouwen rond zorg
- opstellen en hanteren van een toetsenkalender
- hoogbegaafde kinderen ondersteunen en begeleiden
- intensieve leestrainingen organiseren
- reikt, vraaggestuurd, hulpmiddelen inzake detectie en probleemanalyse
- ondersteunt de titularis bij klasinterne differentiatie, curriculumdifferentiatie, organisatie en uitvoering van verschillende werkvormen (peer-tutoring, niveaulezen,…..)
met het oog op zorgbreed werken.
- gokacties opstellen en opvolgen
- kan, vraaggestuurd, concrete differentiatiemaatregelen opzoeken/aanbieden/ontwikkelen
- projecten uitwerken op niveau van de scholengemeenschap (leesstrategieën)
voor alle scholen van de G8.
- deelnemen en meewerken aan de externe vergaderingen van de scholengemeenschap
- neemt initiatieven om eigen professionalisering te optimaliseren via nascholing en lectuur
- eigen werkwijze reflecteren en bijsturen
- op afgesproken tijdstippen overleggen met de directie

Dit schoolreglement en de afsprakennota (zie Hoofdstuk 14 - slotbepaling) worden door de directeur voorafgaand aan de eerste inschrijving van de leerling en nadien bij elke wijziging overhandigd aan de ouders, die voor akkoord ondertekenen.
Dit schoolreglement eerbiedigt de internationaal rechtelijke en grondwettelijke beginselen inzake de rechten van de mens en van het kind in het bijzonder.
Voor de toepassing van dit schoolreglement wordt verstaan onder:
1 . Schoolbestuur:de inrichtende macht die verantwoordelijk is voor de scholen van de gemeente Dentergem nl. de gemeenteraad. Inzake daden van dagelijks beheer is het college van burgemeester en schepenen bevoegd.
2. Directeur: de directeur van de school of zijn afgevaardigde.
3. Klassenraad: team van personeelsleden dat onder leiding van de directeur of zijn afgevaardigde samen de verantwoordelijkheid draagt voor de begeleiding van en het onderwijs aan een bepaalde leerlingengroep of individuele leerling.
4. Leerlingen: de personen die regelmatig zijn ingeschreven in de onderwijsinstelling.
5. Ouders: de personen die het ouderlijk gezag uitoefenen of in rechte of in feite de minderjarige onder hun bewaring hebben.
6. Aangetekend: met aangetekende brief of tegen afgifte van een gedateerd ontvangstbewijs.
Artikel 4
Regelmatig schoolbezoek
De ouders zijn verplicht erop toe te zien dat hun kind vanaf het begin van de leerplicht regelmatig de school bezoekt. Onder regelmatig schoolbezoek verstaan we het volgen van alle lessen en activiteiten die op het leerplan voorkomen, eventuele vrijstellingen uitgezonderd (bv. een vrijstelling voor zwemmen zal slechts worden toegestaan, indien er gewichtige medische redenen zijn die gestaafd worden door een medisch attest).
Leerlingen die niet aan één- of meerdaagse buitenschoolse activiteiten deelnemen
(stadsklassen, ...) zijn gedurende die periode op school aanwezig. In het kleuteronderwijs engageren de ouders zich ertoe dat hun kleuter in voldoende mate aanwezig is. Concreet betekent dit:
- In het schooljaar waarin een leerling in het kleuteronderwijs drie jaar wordt moet het 150 halve schooldagen aanwezig zijn geweest, of 100 halve schooldagen indien de leerling na 31 december van hetzelfde schooljaar de leeftijd van drie jaar bereikt;
- In het schooljaar waarin een leerling in het kleuteronderwijs vier jaar oud wordt moet het 185 halve schooldagen zijn aanwezig geweest;
- In het schooljaar waarin een leerling in het kleuteronderwijs vijf jaar oud wordt moet het 220 halve schooldagen zijn aanwezig geweest;
Het naleven van dit engagement is verplicht om het recht op een schooltoelage te behouden.
Vrijstelling
In bepaalde gevallen kan de directeur een leerling voor bepaalde lessen of vakken vrijstelling geven. De leerling moet tijdens deze lestijden op school aanwezig zijn. Een doktersattest moet de vrijstelling om medische redenen staven.
Afwezigheden
![]()
§l Kleuteronderwijs
Afwezigheden van niet-leerplichtige kinderen moeten niet worden gewettigd door medische attesten. Afwezigheden worden telefonisch of schriftelijk meegedeeld aan de directeur. Voor een leerplichtige leerling die nog een jaar in het kleuteronderwijs doorbrengt, gelden de regels van het lager onderwijs.
Bij een afwezigheid wegens ziekte
tot en met drie opeenvolgende kalenderdagen bezorgen de ouders aan de
directeur of de groepsleraar een ondertekende verklaring. De verklaring
vermeldt de naam van de leerling, de klasgroep, de reden van
afwezigheid, de begindatum en de vermoedelijke einddatum. lndien tijdens
het schooljaar reeds vier maal van deze mogelijkheid gebruik werd
gemaakt, is een medisch attest vereist.
Bij een afwezigheid wegens ziekte van meer dan drie opeenvolgende
kalenderdagen is steeds een medisch attest verplicht.
Bij een afwezigheid van rechtswege bezorgen de ouders aan de directeur of de groepsleraar een ondertekende verklaring of een officieel document. De verklaring vermeldt de naam van de leerling, de klasgroep, de reden van afwezigheid, de begindatum en de vermoedelijke einddatum.
Het
gaat om volgende gevallen:
- het bijwonen van een familieraad;
- het bijwonen van een begrafenis- of huwelijksplechtigheid van een persoon die onder hetzelfde dak woont als de leerling of van een bloed- of aanverwant van de leerling;
- de oproeping of dagvaarding voor de rechtbank;
- het onderworpen worden aan maatregelen in het kader van de bijzondere jeugdzorg en de jeugdbescherming;
- de onbereikbaarheid of ontoegankelijkheid van de school door overmacht;
- het beleven van feestdagen die inherent zijn aan de door de grondwet erkende levensbeschouwelijke overtuiging van een leerling.
3 Afwezigheid mits
voorafgaandelijke toestemming van de directeur
![]()
Bij een afwezigheid met toestemming van de directeur bezorgen de ouders aan de directeur of de groepsleraar een ondertekende verklaring of een officieel document. De verklaring vermeldt de naam van de leerling, de klasgroep, de reden van afwezigheid, de begindatum en de vermoedelijke einddatum.
Het gaat om volgende gevallen:
- het overlijden van een persoon die onder hetzelfde dak woont of van een bloed- of aanverwant tot en met de tweede graad (het betreft hier niet de dag van de begrafenis);
- het actief deelnemen in het kader van een individuele selectie of lidmaatschap van een vereniging aan culturele en/of sportieve manifestaties. Deze afwezigheid kan maximaal 10, al dan niet gespreide halve, schooldagen per schooijaar bedragen;
- in echt uitzonderlijke omstandigheden afwezigheden voor persoonlijke redenen voor maximaal 4, al dan niet gespreide halve, schooldagen per schooijaar.
4 Afwezigheid wegens
verplaatsingen van de trekkende bevolking
![]()
In uitzonderlijke omstandigheden kan de afwezigheid van kinderen van binnenschippers, kermis- en circusexploitanten en -artiesten en woonwagenbewoners gewettigd zijn om de ouders te vergezellen tijdens hun verplaatsingen.
De afspraken over de modaliteiten aangaande het onderwijs op afstand en aangaande de communicatie tussen de school en de ouders worden vastgelegd in een overeenkomst tussen de directeur en de ouders.
§3 De ouders melden de
vermelde afwezigheden indien mogelijk ook telefonisch aan de
directeur.
![]()
§4 Problematische
afwezigheden
![]()
Alle afwezigheden die niet zijn opgesomd of niet kunnen worden gewettigd zoals beschreven onder §2 worden ten aanzien van de leerling beschouwd als problematische afwezigheden. In deze gevallen zal de directeur contact opnemen met de ouders.
Vanaf meer dan 10 halve schooldagen problematische afwezigheden heeft de school een meldingsplicht ten opzichte van het CLB, dat kan voorzien in begeleiding voor de betrokken leerling in samenwerking met de school.
Artikel 5
§l Leerlingen moeten
tijdig aanwezig zijn
![]()
Een leerplichtige leerling die toch te laat komt, begeeft zich zo spoedig mogelijk naar de klasgroep/directeur. Hij krijgt van de leraar/directeur een formulier dat door de ouders wordt ingevuld en de volgende schooldag aan de groepsleraar wordt afgegeven.
§2 In uitzonderlijke gevallen kan een leerling die daarvoor een gewettigde reden heeft, de school voor de einduren verlaten. Dit kan enkel na toestemming van de directeur.
§l Het onderwijs aan huis
is kosteloos.
![]()
§2 Een leerplichtig kind uit
het lager onderwijs, heeft recht op tijdelijk onderwijs aan huis indien
volgende voorwaarden gelijktijdig zijn vervuld:
![]()
- de leerling is meer dan eenentwintig opeenvolgende kalenderdagen afwezig wegens ziekte of ongeval;
- de ouders dienen een schriftelijke aanvraag, vergezeld van een medisch attest, in bij de directeur. Uit het medisch attest blijkt dat de leerling de school niet kan bezoeken en dat het toch onderwijs mag volgen;
- de afstand tussen de school en de verblijfplaats van de betrokken leerling bedraagt ten hoogste tien kilometer.
§3 De aanvraag voor
tijdelijk onderwijs aan huis gebeurt door de ouders, bij brief of op het
daartoe voorziene aanvraagformulier. Bij de aanvraag voegen de ouders
een medisch attest waarop wordt vermeld:
![]()
- dat het kind langer dan eenentwintig kalenderdagen afwezig is wegens ziekte of ongeval;
- de vermoedelijke duur van de afwezigheid;
- dat het kind de school niet kan bezoeken, maar toch onderwijs aan huis mag volgen
§4 lndien aan al deze
voorwaarden is voldaan, zal de school de dag na het ontvangen van de
aanvraag en vanaf de tweeëntwintigste kalenderdag afwezigheid en voor de
verdere duur van de afwezigheid van het kind, voor vier lestijden per
week onderwijs aan huis verstrekken.
![]()
§5 Bij verlenging van de
afwezigheid moeten de ouders opnieuw een schriftelijke aanvraag,
vergezeld van een medisch attest, indienen bij de directeur.
![]()
§6 Kinderen die na een
periode van onderwijs aan huis de school hervatten, maar binnen een
termijn van drie maand opnieuw afwezig zijn wegens ziekte, hebben
onmiddellijk recht op onderwijs aan huis. Wel moet het onderwijs aan
huis opnieuw worden aangevraagd volgens de procedure beschreven in §3, 2e
en 3e punt.
![]()
§7 De concrete organisatie
wordt bepaald na overleg met de directeur.
![]()
Artikel 7
In
de kleutergroep hebben de leerlingen een heen-en-weerschrift.
In het lager onderwijs krijgen de leerlingen een schoolagenda. Hierin
worden de taken van de leerlingen en mededelingen voor ouders dagelijks
genoteerd.
De ouders en de groepsleraar ondertekenen minstens wekelijks de
schoolagenda of het heen-en-weerschrift.
Artikel 8
De huiswerken worden genoteerd in de schoolagenda. Indien een leerling zijn huiswerk vergeet, kan de groepsleraar de nodige maatregelen nemen.
Artikel 9
Een synthese van de evaluatiegegevens van de leerling wordt neergeschreven in een rapport. Dit rapport wordt bezorgd aan de ouders, die ondertekenen voor kennisneming. Het rapport wordt, in de loop van het schooljaar, ondertekend terugbezorgd aan de groepsleraar.
De procedure volgens dewelke getuigschriften basisonderwijs worden toegekend en de procedure volgens dewelke een beroep kan worden ingediend tegen een beslissing van de klassenraad m.b.t. het getuigschrift basisonderwijs
Het schoolbestuur kan een
getuigschrift basisonderwijs, op voordracht en na beslissing van de klassenraad,
uitreiken.
Het getuigschrift wordt ondertekend door de voorzitter en tenminste de
helft van de leden van de klassenraad, de voorzitter van het
schoolbestuur en
de houd(st)er.
Het getuigschrift wordt toegekend uiterlijk op 30 juni van het lopende
schooljaar, tenzij na een beroepsprocedure.
De regelmatige leerling ontvangt
het getuigschrift basisonderwijs indien uit het leerlingendossier blijkt
dat de betrokkene bij het voltooien van het lager onderwijs de doelen
opgenomen in het leerplan in voldoende mate heeft bereikt.
Als de klassenraad het getuigschrift niet toekent, motiveert het zijn
beslissing op basis van het leerlingendossier en deelt het schoolbestuur
dit uiterlijk op 30 juni van het lopende schooljaar aangetekend mee aan
de ouders.
Aan een leerling die het getuigschrift basisonderwijs niet behaalt, wordt door de directie van de school een attest afgeleverd waarin wordt verklaard dat de leerling de lessen in het laatste jaar van de basisschool regelmatig heeft gevolgd.
§l lndien aan de leerling
het getuigschrift basisonderwijs niet wordt toegekend, kunnen de ouders
uiterlijk op de derde werkdag na ontvangst van de schriftelijke
kennisgeving, hun bezwaren kenbaar maken tijdens een persoonlijk
onderhoud met de directeur.
![]()
Van dit onderhoud wordt een verslag gemaakt dat de betrokkenen tekenen voor kennisneming.
Indien de ouders ofwel schriftelijk aan het einde van het onderhoud, ofwel aangetekend uiterlijk binnen de twee werkdagen na het onderhoud, aan de directeur meedelen dat zij hun bezwaren handhaven, kan de directeur de klassenraad onmiddellijk opnieuw samenroepen en wordt de betwiste beslissing opnieuw overwogen.
Indien de klassenraad haar oorspronkelijke beslissing handhaaft, wordt zij opnieuw gemotiveerd en onmiddellijk door het schoolbestuur aangetekend meegedeeld aan de ouders. lndien de directeur de klassenraad niet bijeenroept op grond van de aangebrachte bezwaren, motiveert hij zijn beslissing en deelt het schoolbestuur deze onmiddellijk aangetekend mee aan de ouders.
§2 Uiterlijk vijf werkdagen
na ontvangst van de schriftelijke kennisgeving van de beslissing van de
directeur of van de nieuwe beslissing van de klassenraad, kunnen de
ouders aangetekend een beroep instellen bij de daartoe ingerichte
beroepscommissie.
![]()
Deze beroepscommissie wordt aangesteld door het schoolbestuur.
De beroepscommissie komt bijeen uiterlijk tien werkdagen na het ontvangen van het beroep. De beroepscommissie onderzoekt de klacht op grond van de gevolgde procedure en de ingebrachte motieven en bezwaren. Hiertoe leggen het schoolbestuur en de ouders onverwijld elk stuk voor dat zij opvraagt.
Na
beraadslaging geeft de beroepscommissie een gemotiveerd advies dat
onmiddellijk aangetekend wordt verstuurd naar het schoolbestuur en de
ouders.
§3 Binnen de vijf werkdagen
na kennisname van het advies roept het schoolbestuur de klassenraad
samen.
![]()
lndien de klassenraad haar oorspronkelijke beslissing handhaaft, wordt zij opnieuw gemotiveerd en onmiddellijk door het schoolbestuur aangetekend meegedeeld aan de ouders. Dit schrijven vermeldt dat deze beslissing van de klassenraad voor de Raad van State kan worden aangevochten.
§4
Indien de klassenraad gedurende de beroepsprocedure haar oorspronkelijke
beslissing herziet om het getuigschrift basisonderwijs aisnog toe te
kennen, motiveert hij zijn nieuwe beslissing.
![]()
§5 De ouders kunnen zich
gedurende de procedure laten bijstaan door een raadsman. Dit kan geen
personeelslid van de school zijn.
![]()
§6 De beroepsprocedure wordt
voor de duur van zes weken opgeschort met ingang van 11 juli.
![]()
Artikel 14
Leerlingen die het getuigschrift basisonderwijs niet behalen, krijgen van de directeur een verklaring met de vermelding van het aantal en de soort van gevolgde schooljaren lager onderwijs.
Bij discussie over het al dan niet overgaan naar een volgend leerjaar ligt de uiteindelijke beslissing bij de ouders na voorafgaand advies te aanhoren van de school en het CLB.
Ordemaatregelen
§l
Indien een leerling door zijn gedrag de goede orde in de school in het
gedrang brengt, kan een ordemaatregel worden genomen.
![]()
§2 Gewone ordemaatregelen
kunnen o.m. zijn:
![]()
- een mondelinge opmerking;
- een schriftelijke opmerking in de schoolagenda of het heen-en-weerschrift die de ouders ondertekenen voor gezien;
- een extra taak die de ouders ondertekenen voor gezien.
Deze opsomming sluit niet uit dat een meer aan het specifiek laakbaar gedrag van de leerling aangepaste maatregel wordt genomen.
Deze ordemaatregelen kunnen worden genomen door de directeur of elk personeelslid van de school met een kindgebonden opdracht.
§3 Verdergaande
ordemaatregelen kunnen zijn:
![]()
- Een gesprek tussen de directeur en de betrokken leerling, de directeur maakt hiervan melding in de schoolagenda of het heen-en-weerschrift. De ouders ondertekenen voor gezien.
- De groepsleraar en/of de directeur nemen contact op met de ouders en bespreken het gedrag van de leerling. Van dit contact wordt een verslag gemaakt. Het verslag wordt ondertekend voor kennisname.
- Een afzondering uit de klas, bij beslissing van de directeur, onder toezicht en voor maximum 66 dagen. Dit wordt via de schoolagenda of het heen-en-weerschrift meegedeeld aan de ouders.
§4 Indien vermelde
ordemaatregelen niet het gewenste effect hebben, kan een individueel
begeleidingsplan met meer bindende gedragsregels worden vastgelegd door
de directeur. Dit moet ertoe bijdragen dat een goede samenwerking met
personeelsleden en/of medeleerlingen opnieuw mogelijk wordt.
![]()
Dit begeleidingsplan wordt opgesteld door de groepsleraar en de directeur. Het wordt steeds besproken met de ouders. Het wordt van kracht van zodra de ouders het begeleidingsplan ondertekenen voor akkoord.
lndien
de ouders niet akkoord gaan met het individueel begeleidingsplan, kan de
directeur onmiddellijk overgaan tot het opstarten van een
tuchtprocedure.
§5 De directeur kan een
leerling preventief schorsen telkens voor maximum vijf opeenvolgende
schooldagen in afwachting van een tuchtmaatregel. De directeur moet
vooraf het advies inwinnen van de klassenraad en de leerling en de
ouders horen. De beslissing van de directeur moet met redenen zijn
omkleed. Ten laatste de werkdag volgend op het nemen van de beslissing
wordt deze aangetekend aan de ouders meegedeeld. Ingeval van preventieve
schorsing wordt de leerling uit de leerlingengroep, waartoe hij behoort,
verwijderd. Hij moet op de school aanwezig zijn onder toezicht.
![]()
§6
Tegen geen enkele ordemaatregel is er beroep mogelijk.
![]()
§l Het laakbaar gedrag van
een leerling kan uitzonderlijk een tuchtmaatregel noodzakelijk maken.
![]()
§2 Een tuchtmaatregel kan worden
opgelegd indien het gedrag van de leerling:
![]()
- het ordentelijk verstrekken van opvoeding en onderwijs in gevaar brengt;
- de verwezenlijking van het pedagogisch project van de school in het gedrang brengt;
- ernstige of wettelijk strafbare feiten uitmaakt;
- niet overeenstemt met het eventueel opgesteld individueel begeleidingsplan;
- de naam van de instelling of de waardigheid van het personeel aantasten;
- de instelling materiële schade toebrengt.

§3 Tuchtmaatregelen zijn:
-
De schorsing
Een schorsing betekent dat een leerling gedurende een bepaalde periode
(meer dan 66 dagen en maximum twintig schooldagen binnen één schooljaar)
de lessen niet mag volgen in de leerlingengroep waartoe hij behoort. Hij
moet wel op school aanwezig zijn onder toezicht.
-
De uitsluiting
Uitsluiting betekent dat de leerling definitief uit de school wordt
verwijderd. De uitsluiting gaat in vanaf het moment dat de leerling in
een andere school is ingeschreven, uiterlijk één maand (vakantieperioden
niet inbegrepen) na schriftelijke kennisgeving. In afwachting bevindt de
betrokken leerling zich in dezelfde toestand als een geschorste
leerling.
§4 Zowel schorsing als
uitsluiting kunnen slechts nadat de tuchtprocedure werd gevolgd.
![]()
§5 Er is geen mogelijkheid
tot collectieve uitsluiting: elke leerling moet afzonderlijk worden
behandeld.
![]()
§6 De inrichtende macht kan
de inschrijving weigeren in een school waar de betrokken leerling het
vorige of het daaraan voorafgaande schooljaar definitief werd
uitgesloten.
![]()
Artikel 17
§l Tuchtmaatregelen worden
genomen door de directeur.
![]()
§2 Hij volgt daarbij volgende
procedure:
![]()
1 Hij vraagt advies aan
de klassenraad die het tuchtdossier beoordeelt. De klassenraad stelt een
gemotiveerd advies op.
Indien de klassenraad adviseert om de leerling te schorsen of uit te
sluiten, deelt de directeur aan de ouders mee dat een tuchtprocedure
wordt ingezet. Deze beslissing en het gemotiveerd advies worden binnen
de drie werkdagen na de bijeenkomst van de klassenraad aangetekend
verstuurd aan de ouders. In dit schrijven worden zij opgeroepen tot een
onderhoud met de directeur over de vastgestelde feiten en de
voorgestelde maatregel.
2 De ouders en de
leerling kunnen voor het onderhoud kennis nemen van het tuchtdossier in
het bureau van de directeur na afspraak.
Het onderhoud moet uiterlijk vijf werkdagen na ontvangst van de
kennisgeving plaatsvinden.
Van dit onderhoud wordt een verslag gemaakt dat wordt ondertekend voor
kennisneming.
3. Het onderhoud tussen directeur, de ouders en de leerling en gebeurt enkel op basis van elementen uit het tuchtdossier. Bij de uiteindelijke beslissing kan geen rekening worden gehouden met gegevens die niet vooraf zijn bekendgemaakt en/of die geen deel uitmaken van het tuchtdossier.
4. Na dit onderhoud neemt de directeur een gemotiveerde beslissing omtrent de tuchtmaatregel die aangetekend, binnen de drie werkdagen na het onderhoud meegedeeld wordt aan de ouders.
5. Tegen deze beslissing kan aangetekend beroep worden ingesteld bij het college van burgemeester en schepenen binnen de vijf werkdagen na ontvangst van de mededeling. Binnen de tien werkdagen na het instellen van het beroep wordt de beslissing van het college van burgemeester en schepenen aangetekend aan de ouders meegedeeld. Dit schrijven vermeldt dat de beslissing voor de Raad van State kan worden aangevochten.
§3 De tuchtmaatregel gaat in
daags nadat de termijn om beroep aan te tekenen is verstreken of daags
na de uitspraak van het college van burgemeester en schepenen.
![]()
§4 Bij een definitieve
uitsluiting kunnen de ouders, bij het zoeken naar een andere school,
worden bijgestaan door de directeur of door het CLB. Het tuchtdossier
kan niet worden overgedragen aan een andere school.
![]()
§5 Tijdens de procedure
kunnen de ouders zich laten bijstaan door een raadsman. Dit kan geen
personeelslid van de school zijn.
![]()
§1
Een tuchtdossier van een leerling wordt opgesteld en bijgehouden door de
directeur.
![]()
§2 Het tuchtdossier omvat
een opsomming van:
![]()
- de gedragingen zoals omschreven in artikel 16, §2;
- de reeds genomen ordemaatregelen;
- de gedragingen die niet overeenstemmen met het individueel begeleidingsplan
- de reacties van de ouders op eerder genomen maatregelen;
- het gemotiveerd advies van de klassenraad; het tuchtvoorstel en de bewijsvoering ter zake
Ouders die omwille van bepaalde gedragingen, al dan niet verbaal, dreigingen, scheldpartijen en elke handeling waardoor leerkrachten of leerlingen bedreigd of geïntimideerd worden en daardoor het pedagogische project en het dagelijkse schoolgebeuren verstoren, alsook het niet betalen van schoolrekeningen, kunnen de toegang tot de school en alle met de school verbonden activiteiten worden ontzegd. In spoedgevallen wordt de beslissing genomen door de directeur. Bij minder dringende situaties komt de beslissing van het schoolbestuur.
§l
De school werkt
voor het bereiken van de eindtermen en het nastreven van
ontwikkelingsdoelen met de middelen die door de Vlaamse Gemeenschap en
door het schoolbestuur ter beschikking worden gesteld.
![]()
§2 Om de bijdragen van de ouders inzake niet-eindtermgebonden
onderwijskosten te beperken, kan de school gebruik maken van geldelijke
en niet-geldelijke ondersteuning door derden.
![]()
§3 Dergelijke ondersteuning in de vorm van mededelingen die
rechtstreeks of onrechtstreeks tot doel hebben de verkoop van producten
of diensten te bevorderen, kan enkel in geval van facultatieve
activiteiten en na overleg in de schoolraad.
![]()
§4 De school zal in geval van dergelijke ondersteuning louter
attenderen op het feit dat de activiteit of een gedeelte van de
activiteit ingericht werd door middel van een gift, een schenking, een
gratis prestatie of een prestatie verricht onder de reële prijs door een
bij name genoemde natuurlijke persoon, rechtspersoon of feitelijke
vereniging.
![]()
§5 De bedoelde mededelingen kunnen enkel indien:
![]()
1 Deze mededelingen kennelijk verenigbaar zijn met de pedagogische en onderwijskundige taken en doelstellingen van de school.
2 Deze mededelingen de objectiviteit, de geloofwaardigheid, de betrouwbaarheid en de onafhankelijkheid van de school niet in het gedrang brengen.
§6 In geval van vragen of
problemen met betrekking tot de geldelijke of niet-geldelijke
ondersteuning door derden, richt men zich tot het schoolbestuur.
![]()
§l Het schoolbestuur
vraagt geen direct of indirect inschrijvingsgeld.
![]()
Het schoolbestuur vraagt evenmin een bijdrage voor onderwijsgebonden kosten die noodzakelijk zijn om een eindterm te realiseren of een ontwikkelingsdoel na te streven.
§2 Het schoolbestuur kan een
bijdrage vragen voor onderwijsgebonden kosten, gemaakt tijdens de
normale aanwezigheid van de leerlingen, wanneer deze niet noodzakelijk
zijn om een eindterm te realiseren of een ontwikkelingsdoel na te
streven, maar tot doel hebben deze te verlevendigen.
![]()
Volgende bijdragen kunnen van de leerlingen worden gevraagd, dit in de mate dat het bedrag vastgelegd via decreet in de maximumfactuur niet wordt overschreden. Dit bedrag wordt per jaar en per onderwijsloopbaan bijgehouden en gerespecteerd door de directie.
- de toegangsprijs voor het zwembad, met uitzondering van de leerlingengroep waarvoor de toegangsprijs door de Vlaamse Gemeenschap wordt gedragen;
- de deelnamekosten bij vrijblijvende extra-murosactiviteiten;
- de kosten van gemeenschappelijk vervoer bij pedagogisch-didactische uitstappen,
- de aankoopprijs van turn- en zwemkledij (eerste school-T-shirt is gratis);
- de kosten bij feestactiviteiten.
§3 Persoonlijke uitgaven
zijn facultatief en vallen ten laste van de gebruiker. Het kan gaan om
uitgaven voor:
![]()
- leerlingenvervoer;
- vervoer en deelname aan buitenschoolse activiteiten (o.a. Stichting Vlaamse Schoolsport);
- middagtoezicht;
- maaltijden en dranken;
- abonnementen voor tijdschriften;
- klasfoto's;
- steunacties.
§4 Het schoolbestuur bepaalt
jaarlijks of wanneer de noodzaak zich voordoet, na overleg in de
schoolraad:
![]()
- het maximumbedrag van de leerlingenbijdragen voor onderwijsgebonden kosten;
- de tarieven van de vaste uitgaven;
- de modaliteiten en de periodiciteit van betaling.
Deze informatie wordt bekendgemaakt in de afsprakennota bij de start van het schooljaar.
§5 Het schoolbestuur kan, na
advies van de directeur en in samenspraak met de ouders, een van de
volgende afwijkingen op de leerlingenbijdragen toestaan:
![]()
- vermindering van betaling;
- spreiding van betaling;
- uitstel van betaling;
- kwijtschelding van betaling.
§6 De directeur beslist,
binnen het jaarlijks maximumbedrag van de leerlingenbijdragen voor
onderwijsgebonden kosten, over de occasionele uitgaven. Deze worden
afzonderlijk en schriftelijk meegedeeld aan de ouders.
![]()
§7 In geval van vragen en
problemen omtrent de bijdrage richt men zich tot de directeur![]()
Op school wordt niet gerookt op de speelplaats, de open ruimte van de school en in de gebouwen op schooldagen tussen 6u30 en 18u30.
Het schoolbestuur leeft de verplichtingen na die voortvloeien uit de privacywetgeving.

Gebruik van verborgen camera's
![]()
De school gebruikt geen verborgen
camera's, tenzij met het oog op het vastleggen van feiten of handelingen
die schade toebrengen aan personen of zaken binnen de instelling.
Er moeten ernstige en gestaafde vermoedens bestaan omtrent deze feiten
en handelingen.
Meedelen van leerlingengegevens
aan derden
![]()
De school zal geen
leerlingengegevens meedelen aan derden, tenzij voor de toepassing van
een wettelijke of reglementaire bepaling.
De school kan wel, voorafgaand aan Eerste Communie, Lentefeest, Vormsel
of andere feesten verbonden met de levensbeschouwing van de leerlingen,
een lijst met leerlingen en adressen overmaken aan plaatselijke
handelaars, die er schriftelijk om verzoeken, tenzij de ouders
uitdrukkelijk te kennen geven deze regeling niet te aanvaarden.
Artikel 25
Ouders die het fotograferen van het kinderen nièt wensen, moeten dit schriftelijk melden bij de directie. Wij verbinden ons er toe géén compromitterende foto’s te nemen of te publiceren.
Het
schoolbestuur heeft de directeur aangesteld als vertrouwenspersoon
binnen de school. Hij/zij is bevoegd voor het ontvangen en opvolgen van
klachten over grensoverschrijdend gedrag.
§l Van iedere leerling
wordt een multidisciplinair dossier aangelegd bij het begeleidend CLB.
Dit dossier bevat alle voorhanden zijnde
relevante
persoonlijke gegevens m.b.t. de leerling.
![]()
§2 Het CLB is verplicht
leerlingen en ouders te informeren over de eventuele overdracht van het
multidisciplinair CLB-dossier in geval van schoolverandering.
![]()
§3 In geval van
schoolverandering in de loop van het schooljaar gebeurt de overdracht na
afloop van een wachttijd van 30 dagen, die begint te lopen vanaf de
inschrijving in de nieuwe school.
![]()
§4 In geval van inschrijving
bij de start van het schooljaar gebeurt de overdracht na afloop van een
wachttijd van 30 dagen, die begint te lopen vanaf 1 september van het
nieuwe schooljaar.
![]()
§5 De betrokken ouders
kunnen door middel van een aangetekend schrijven bij de directeur van
het CLB ofwel afzien van de wachttijd om de overdracht te bespoedigen,
ofwel binnen de 30 dagen na inschrijving in de nieuwe school verzet
aantekenen tegen deze overdracht.
![]()
§6
In geval van verzet zal het CLB enkel de verplicht over te dragen
gegevens verzenden naar het nieuwe CLB, met name de medische gegevens en
de gegevens m.b.t. de leerplichtcontrole, samen met een kopie van het
verzet.
![]()
Het CLB bewaart de gegevens waartegen verzet werd aangetekend tot 10 jaar na het laatste contact.
De leerlingen nemen deel aan alle
voor hen bestemde extra-murosactiviteiten.
In geval van niet-deelname, weigeren de ouders schriftelijk volgens de
onderrichtingen van de directeur, die in dit geval zorgt voor aangepaste
opvang.
Vanaf het schooljaar 2009-2010 wordt van de ouders een zeker engagement verwacht ten opzichte van de school, dit om een goede samenwerking tussen school en ouders – gezin – kind te bewerkstelligen. Soms hebben school en/of ouders andere verwachtingen, andere mogelijkheden. Om alles duidelijk te maken engageren de ouders zich nu via deze gemaakte afspraken:
- de ouders zijn aanwezig op de geplande oudercontacten.
- de ouders hebben een positieve ingesteldheid t.o.v. het Nederlands.
- de ouders zorgen er voor dat de kinderen voldoende aanwezig zijn, dat ze op tijd komen, en dat er zeker niet gespijbeld wordt.
- De ouders actief deelnemen aan alle vormen van individuele leerlingbegeleiding.
Meer specifieke regels en afspraken worden na overleg in de schoolraad opgenomen in de afsprakennota van de school.
De afspraken maken integraal deel
uit van het schoolreglement.
|
Onze school werkt samen met het Vrij Centrum voor Leerlingenbegeleiding (VCLB) van Tielt:
VCLB- Tielt Grote Hulststraat 55 bus 1 8700 TIELT Tel. 051 42 66 42 Fax 051 42 66 41 E-mailadres: info@clbtielt.be www.clbtielt.be
Centrum gelegen op 10 minuten wandelafstand van het station van Tielt.
Contactpersoon: Mevrouw Els De Brabandere, directeur Tel. 051 42 66 42 E-mailadres: els.de.brabandere@clbtielt.be
|
Openingsuren: Elke werkdag van 8 u tot 12 u en van 13 u tot 17 u De maandag tot 18 u De vrijdag tot 16.30 u Of op afspraak
Sluitingperiodes: · Allerheiligen: 1 november 2009 · Wapenstilstand: 11 november 2009 · Kerstvakantie: 19 december 2009 tot en met 3 januari 2010 · Open op 21 december en op 30 december 2009 · Paasvakantie: 3 april 2010 tot en met 18 april 2010 · Feest van de arbeid: 1 mei 2010 · Onze Lieve Heer Hemelvaart: 13 mei 2010 · Pinkstermaandag: 24 mei 2010 · Vlaamse feestdag: 11 juli 2010 · Zomervakantie: gesloten van 15 juli 2010 tot en met 15 augustus 2010
|
In het VCLB werken artsen, sociaal verpleegkundigen, psychologen, pedagogen, maatschappelijk werkers… samen om op jouw vragen gepaste oplossingen te helpen zoeken.
We zijn er voor leerlingen, ouders, leerkrachten en school. Gratis.
We bieden informatie, hulp en begeleiding. We werken samen met de school, maar we behoren er niet toe. Je kan dus gerust los van de school bij ons terecht.
Je kan bij ons terecht … Je moet naar het VCLB…
√ als je ergens mee zit of je niet goed in je vel voelt √ op medisch onderzoek
√ je moeite hebt met leren √ als je te vaak afwezig bent op school
√ voor hulp bij studie- en beroepskeuze (leerplichtbegeleiding)
√ met vragen over je gezondheid, je lichaam…
√ voor een overstap naar het buiten-
√ met vragen over vriendschap, verliefdheid, relaties… gewoon onderwijs
√ met vragen over opvoeden, stress, onzekerheid… √ om vroeger of net later aan de
√ voor inentingen lagere school te beginnen
√ bij een niet zo voor de hand
liggende instap in het eerste
Aarzel niet om ons te contacteren of kom even langs! leerjaar A of B van het secundair
onderwijs
Het VCLB- team voor onze school bestaat uit
VCLB |
Dr. Mieke Van Hoey |
Tel. 051 42 66 42 |
E-mail : mieke.vanhoey@clbtielt.be |
|
een paramedisch werker |
Katrien Huys |
Tel. 051 42 66 42 |
E-mail : katrien.huys@clbtielt.be |
|
een maatschappelijk werker |
Fabienne Degryse |
Tel. 051 42 66 42 |
E-mail : fabienne.degryse@clbtielt.be |
|
een psychologisch- pedagogisch consulent |
Gerda Van Daele
|
Tel. 051 42 66 42 |
E-mail : gerda.vandaele@clbtielt.be |
We starten de begeleiding pas als jij (vanaf 12 jaar) hiermee instemt.
Ben je jonger dan 12 jaar dan moeten jouw ouders hiermee instemmen.
De VCLB- tussenkomsten zijn verplicht te volgen als het gaat om de medische onderzoeken, de leerplichtbegeleiding en de acties die worden genomen in verband met besmettelijke ziektes.
Het VCLB- dossier
Kom je bij ons voor begeleiding, dan maken we een dossier. Daarin komt alles wat met jou en de begeleiding te maken heeft.
We houden ons aan volgende regels:
√ in het dossier komen enkel gegevens die nodig zijn voor de begeleiding
√ we behandelen de gegevens met de nodige vertrouwelijkheid en zorgvuldigheid
√ we houden ons aan het beroepsgeheim en het ‘decreet rechtspositie minderjarigen’
Alle dossiergegevens worden bewaard op het Centrum voor Leerlingenbegeleiding. Onder de verantwoordelijkheid van de directeur die het dossier verder beheert, wordt het dossier gedurende 10 jaar na het laatste medisch onderzoek of vaccinatie bewaard. Daarna wordt het dossier vernietigd.
Het dossier inkijken?
Ben je jonger dan 12 jaar dan mogen jouw ouders of voogd het dossier inkijken op het centrum.
Dit geldt wel niet altijd en niet voor het volledige dossier. Voor gezondheidsgegevens in het dossier beslist de arts.
Vanaf 12 jaar mag je meestal het dossier inkijken. Er bestaan daarop enkele uitzonderingen. Jouw ouders of voogd mogen het dossier enkel inkijken met jouw toestemming.
Het dossier inkijken gebeurt steeds door een gesprek met het begeleidende VCLB- team.
Je kan een kopie vragen van de gegevens die je mag inkijken. Die kopie is vertrouwelijk en mag niet voor iets anders dienen dan voor jeugdhulp.
Gegevens over jezelf mag je laten verbeteren en aanvullen.
Ga je naar een andere school dan gaat je dossier naar het CLB waar die school mee samenwerkt.
Je kan je daartegen verzetten maar sommige gegevens geven we verplicht door. Dit kan je niet weigeren: identificatiegegevens, gegevens over leerplicht, inentingen, medisch onderzoeken en de opvolging hiervan.
Wil je niet dat je hele dossier naar je nieuwe CLB gaat dan moet je binnen de 10 kalenderdagen na je inschrijving in de andere school dit met een aangetekend schrijven laten weten aan de directeur van je (oude) CLB.
Een klacht?
Heb je een klacht dan luisteren we er graag naar. We hebben een vaste werkwijze om klachten bespreekbaar te maken en te behandelen. Vraag er naar bij jouw VCLB.
Besmettelijke ziektes
Als jouw kind of één van de huisgenoten één van onderstaande besmettelijke ziektes heeft, gelieve dan zo snel mogelijk jouw school of rechtstreeks jouw VCLB- team hiervan op de hoogte te brengen.
Besmettelijke ziektes zijn : buiktyfus, hepatitis A, hepatitis B, meningokokkenmeningitis, poliomyelitis, difterie, roodvonk, besmettelijke tuberculose, shigellose (dysenterie), salmonellose, kinkhoest, bof, mazelen, rubella, schurft, windpokken, impetigo, schimmelinfecties van de schedelhuid of van de gladde huidontagiosa (parelwratten), hoofdluizen, klierkoorts, HIV- infectie.
Op onderzoek
Elke leerling moet verschillende keren op medisch onderzoek bij de VCLB- arts en de verpleegkundige.
Dit is in de eerste kleuterklas (3/4 jaar), de tweede kleuterklas (4/5 jaar), het eerste jaar lagere school (6/7 jaar), het derde jaar lagere (8/9 jaar), het vijfde jaar lagere (10/11 jaar), het eerste secundair (12/13 jaar) en het derde secundair (14/15 jaar). Het VCLB biedt gratis inentingen aan.
Daarbij volgen wij het vaccinatieprogramma aanbevolen door de overheid. Om ze te krijgen moeten jouw ouders toestemming geven.
De ouders of de leerling vanaf 12 jaar kunnen via een aangetekend schrijven gericht aan de directeur van het VCLB verzet aantekenen tegen het uitvoeren van een verplicht onderzoek door een arts van het VCLB. Binnen een termijn van 90 kalenderdagen dient de persoon die verzet aantekent, het verplichte onderzoek te laten uitvoeren door een andere arts van hetzelfde CLB, een arts van een ander CLB of een andere arts buiten het CLB die beschikt over het nodige bekwaamheidsbewijs. In dit geval zijn de kosten ten laste van de ouders.

|
VCLB-tekst voor schoolreglement- Opgemaakt op 3 juni 2009- Verantwoordelijke : VCLB-directie EDB |
’t Veld
...wie hier zoekt, die vindt…
TOC \o "1-4" \h \z \u Inhoudsopgave
4 Leerplicht en toelatingsvoorwaarden
9 Revalidatie tijdens de lesuren
13 De leerkracht in de klas (organisatie - management)
16 De leer- en vormingsgebieden
Hoofdstuk 1: Algemene Bepalingen
Hoofdstuk 2: Richtlijnen i.v.m. afwezigheden en te laat komen
Hoofdstuk 3: Bepalingen i.v.m. onderwijs aan huis
Hoofdstuk 4: Afspraken i.v.m. huiswerk, agenda's en rapporten
Hoofdstuk 7: Geldelijke en niet-geldelijke ondersteuning
Hoofdstuk 9: Algemeen rookverbod
Hoofdstuk 11: Vertrouwenspersoon
Hoofdstuk 12: Overdracht van het multidisciplinair CLB-dossier
Hoofdstuk 13: Deelname aan extra-murosactiviteiten
Hoofdstuk 14: Engagementsverklaring
Hoofdstuk 15: Slotbepaling ……………………………...………………………………...…………………..41
Vrij Centrum voor Leerlingenbegeleiding
E-mail:
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
Telefoon school |
051/40.85.81 |
|
|
|
Fax school |
051/40.89.84 |
|
|
|
E-mail school |
|
||
|
Website |
|
||
|
Telefoon CLB |
051/426642 |
Fax CLB |
051/42 66 41 |
|
Mireille Tanghe |
Wannegem-Ledestr 29 |
Wannegem-Lede |
0473/61 13 97 |
|
Kurt Beke |
Tijputstraat 6 |
Dentergem |
051/63 68 92 |
|
Linda Desmet |
Mandelvijver 12 |
Dentergem |
056/61 00 08 0474/38 19 29 |
|
Hilde Osseel |
Markegemstraat 7 |
Dentergem |
056/60 56 07 0496/64 51 45 |
|
Lut Van Oost |
Kortrijkstraat 97bus1 |
Tielt |
O51/69 92 88 0474/21 42 22 |
|
Marieke Planckaert |
Dreve 66 |
Dentergem |
051/74 40 74 |
|
Franky Van de Ginste |
Bruggestraat 37 |
Ruiselede |
0479/97 07 17 051/72 56 05 |
|
Griet Vandorpe |
Spijkerlaan 149 |
Beveren-Leie |
056/32 42 26 0472/57 81 92 |
|
Johan Van Ackere |
Volderstraat 34 |
Dentergem |
09/388 75 07 0473/52 22 38 |
|
Ellen Lanssens |
Markegemsestwg 46 |
Dentergem |
051/77 29 41 0473/52 87 71 |
|
Lieve Defoer |
Pontbrouckstraat 48 |
Dentergem |
051/63 54 45 0477/98 11 95 |
|
Sylverine Vandendriessche |
Dennenstraat 15 |
Zulte |
056/60 96 72 0494/80 93 20 |
|
Clivia Marnette |
Ter Perre 161 |
Harelbeke |
056/71 69 44 0474/41 50 89 |
|
Scharon De Boever |
Kraaihof 41 |
St-Baafs-Vijve |
0497/28 72 15
|
|
Cindy Quintyn |
Nellekenshof 59 |
Dentergem |
051/635732 |
|
Carolien Van Hulle |
Wakkensestwg 63 |
Tielt |
051/40 00 76 |




1.1
Levensbeschouwing
1. Het karakter van onze school vertaalt zich in het openstaan voor alle levensovertuigingen. Het onderwijs is niet politiek of religieus gekleurd. Voor alle leerlingen bestaat de mogelijkheid lessen van levensbeschouwelijke aard bij een vakleerkracht te volgen.
2. De inhoud van het onderwijs van levensbeschouwelijke aard wordt bepaald door de betreffende pedagogische begeleidingsdiensten. Zij stellen ook leraren voor die de I.M. dan aanstelt.
3. De lessen in de Katholieke godsdienst worden door een vakleerkracht gegeven.
4. De keuze inzake levensbeschouwing gebeurt door de ouders bij aanvang van het eerste leerjaar, of bij de inschrijving van een leerling voor de lagere school. In de kleuterklassen worden geen activiteiten van levensbeschouwelijke aard georganiseerd.
1 . De school probeert een kindvriendelijk klimaat te onderhouden. Centraal staat het opgroeiende en lerende kind, dat met zijn problemen in de school terecht kan. Het speelse karakter van het onderwijs, ondersteund door innovaties en media, biedt volgens onze school de beste kansen aan elk kind.
2. Naast de intellectuele ontwikkeling is het zeer belangrijk dat het kind voldoende kansen tot expressie krijgt. De ontwikkeling van muzische, manuele en lichamelijke vaardigheden zijn in dit opzicht zeer belangrijk.
3. Bij de verstandelijke ontwikkeling van het kind stelt de school zich tot basisdoel het verwerven van de basisvaardigheden zoals lezen, schrijven en rekenen, het leren informatie verwerven en die informatie gebruiken. De school leert het jonge kind leren, en alle andere attitudes die nuttig en nodig zijn om te evolueren in de moderne wereld. Daarbij leert de school: elkaar te respecteren en te aanvaarden.
4. De school probeert steeds aan te sluiten bij de belangstelling en de leefwereld van het kind. Onze school schenkt bijzondere aandacht aan de zwakkeren, kansarmen, leerbedreigden. De school probeert in deze context elk kind maximale ontplooiingskansen te bieden.
5. De leerkrachten houden hun didactische en pedagogische onderlegdheid op peil door nascholing, interesse voor innovaties, opvolgen van aanbevelingen van inspectie, begeleiding en directie, algemene interesse voor alles wat leeft in de onderwijswereld. In die optiek vormen de ouders een belangrijke gesprekspartner voor de leerkrachten.
6. Het onderwijs moet zo georganiseerd worden dat er een continu ontwikkelingsproces ontstaat. Daarom moeten de kinderen ook zeer goed gevolgd worden (LVS) en moet er tijdig interne of externe hulp ingeroepen worden. Indien zittenblijven onvermijdelijk is, gebeurt dit, enkel na overleg met de ouders en CLB.
1. De school wil de jongeren begeleiden bij het ontdekken en verwerven van attitudes en waarden die belangrijk zijn om zich als volwaardige mensen in de maatschappij te gedragen en te engageren: wellevendheid, zelfdiscipline, solidariteit, eerbied, vertrouwen, enthousiasme.
2. De school probeert op hun niveau de leerlingen te wijzen op de gevaren die de vrijheidsbeginselen van onze Westerse maatschappij bedreigen door de volgende waarden te benadrukken: democratie, verdraagzaamheid, vrijheid van onderwijs.
3. De sociale ontwikkeling van het kind veronderstelt ook een groot solidariteitsgevoel. Daarom worden initiatieven uitgaande van levensbeschouwelijke of wereldlijke organisaties gesteund: Broederlijk Delen, 11.11.11, Artsen Zonder Grenzen, Kom Op Tegen Kanker...
4. Vooral bij de oudste kinderen zullen er doelbewust activiteiten gebeuren met als doel de kennis van de inrichting van de maatschappij: het land, de gewesten, de provincies en gemeenten, hun structuren, hun contact met de bevolking ... Daarom zal er op occasionele gebeurtenissen sterk ingespeeld worden: verkiezingen, ophefmakende politieke beslissingen, buitenlandse verkiezingen, ...
5. De school zal ook de actualiteit aangrijpen om sociale en economische facetten van de maatschappij te belichten: werkgever en werknemer, sociale onrust, stakingen, werkloosheid, ...
6. De leerlingen leren het belang inzien van de sociale vangnetten van onze maatschappij: ziekteverzekering, werkloosheidsuitkeringen, ... Zij ervaren ook de rol van de media in het aanbrengen van correcte informatie dienaangaande.
7. De school voert een totaal non-discriminatiebeleid. Dit betekent dat in principe iedereen tot de school en het onderwijs wordt toegelaten, voor zover de ouders en de leerlingen zich willen houden aan het schoolreglement. Huidskleur, ras, origine, levensbeschouwing, ... kunnen nooit een weigering tot de school of een aparte behandeling tot gevolg hebben.
8. Door in te spelen op de actualiteit, en door systematisch de natuur te verkennen leert het kind het leefmilieu waarderen, en de gevaren onderkennen die ons leefmilieu bedreigen. Wij opteren dit consequent te toetsen aan de realiteit tijdens het werk in onze schooltuin, die een leerveld moet zijn voor elk Veldkind.
Op school streven we naar een constante veilige leefomgeving. Daarom
hebben we een risicobeheersingsplan opgesteld om deze veiligheid
blijvend na te streven. En gezondheid en veiligheid kunnen maar baat
hebben bij een gestructureerde aanpak door iedereen. De infrastructuur
wordt nagezien op veiligheid door de veiligheidscoördinator Willy
Callens. Pijnpunten worden gemeld aan de directie die in de kortst
mogelijke tijd aan elk euvel probeert te verhelpen. De vastlegging
gebeurt steeds via een personeelsvergadering en wordt vermeld in ons
risicobeheersplan.
Verkeersveiligheid
![]()
De
verkeersveiligheid aan de schoolpoort is veilig en de toegankelijkheid
voor rolstoelgebruikers is steeds gewaarborgd. De schoolpoort is dicht
tijdens de schooluren om ongevallen en weglopen van kleuters te
vermijden. Kinderen verlaten de school enkel onder begeleiding van een
volwassene (ouder of leerkracht). De school is op een veilige manier
toegankelijk, de schoolpoortgang wordt autovrij gehouden om kinderen de
toegang vlot en veilig te laten gebruiken.
De kinderen stappen uit op de parkinggedeeltes of voor de schoolpoortgang (Kiss en ride).
Er komen nooit fietsen op de speelplaats, deze hinderen de vlotte gang van zaken te zeer. De fietsers betreden en verlaten de school langs de brandingang (zijkant). Er wordt nooit gefietst op de verbindingsstrook tussen de fietsenstalling en de straat. Stappen!
Afspraken
bij vervoer van leerlingen:
- De leerlingen die door de ouders worden gebracht en/of afgehaald, moeten op een veilige manier, overeenkomstig het verkeersreglement, begeleid worden én aan de school worden afgehaald en/of afgezet. Daarom wordt gestreefd naar een verkeersveilige situatie op de parking. De ouders blijven steeds verantwoordelijk voor de kinderen die door hen worden begeleid.
- De leerlingen die door de teamleden worden gebracht en/of afgehaald, worden op dezelfde manier begeleid (zie boven). De ouders geven hun toestemming met de manier van vervoer op het moment dat zij instemmen met het leerlingenvervoer door een teamlid. De ouders blijven dus steeds ten volle verantwoordelijk.
- De ouders zorgen dat de kinderen veilig tot aan de auto raken of veilig thuis raken. Ook hier geldt dat de ouders verantwoordelijk zijn voor de kinderen en instaan voor een verzekerde begeleiding.
Rubriek pesten:
Elke leerling heeft een vertrouwenspersoon die hij jaarlijks mag kiezen
uit het personeel. Bij het begin van elke personeelsvergadering wordt
het item pesten even besproken en de gebeurlijke pesterijen worden
gemeld en er wordt een oplossing aangeboden.
Jaarlijks wordt het anti-pest-lied aangeleerd of opnieuw ingeoefend.
Rubriek Gezondheidsopvoeding:
Afspraken met het CLB omtrent seksuele opvoeding en bestrijding van
luizen. De controles hebben plaats na elk verlof door de verpleegster
van het CLB. De ouders krijgen daarop volgend een schrijven over
mogelijke besmetting.
Jaarlijks wordt er een infoles georganiseerd omtrent seksualiteit. Deze les gaat door in de derde graad.
Elke maand worden alle leerlingen gecontroleerd op luizen. En door de ouders én door meester Johan. Hardnekkige gevallen worden begeleid door het CLB op vraag van de directie. Na elke vakantieperiode is er een algemene controle door het CLB.
Toedienen medicatie tijdens de schooluren/opvanguren.
Indien een leerling om een of andere reden tijdens, voor of na de schooluren medicatie dient te nemen, moet er door de ouder(s) een document meegegeven worden om dit toe te laten. In principe wordt er anders op school geen medicatie toegediend.
1 .De school is gelegen in een agrarisch gebied, in een weinig bebouwde omgeving. De school is totaal vernieuwd en voorzien van alle benodigdheden, die een hedendaagse school van doen heeft.
2. De instroom van leerlingen is algemeen gezien landelijk.
3. De inrichtende macht van de school is het gemeentebestuur van Dentergem. Het gemeentebestuur is lid van OVSG. De begeleiding gebeurt ook door OVSG.
4. De school streeft ernaar het 1e leerjaar steeds in een afzonderlijke klas onder te brengen. Mocht dit door gebrek aan lestijden niet geheel mogelijk zijn, dan zal steeds gepoogd worden de lessen taal en wiskunde voor het 1e leerjaar gescheiden te
houden.
5. Indien verenigbaar met het aantal leerlingen in de verschillende graden, worden klassen gevormd met de 2e graad en de 3e graad. Als er voldoende lestijden zijn om op te splitsen, dan wordt de situatie van jaar tot jaar bekeken, in functie van het aantal leerlingen in elke graad, en van de beginsituatie per leerjaar.
6. In de kleuterafdeling worden volgens de leeftijd van de kleuters groepen gevormd afhankelijk van het aantal lestijden.
7. Het CLB waarmee gewerkt wordt is het Vrij CLB van Tielt.
8. Er is in de onmiddellijke omgeving van de school weinig mogelijkheid om aan praktisch verkeersonderricht te doen. Ook culturele voorzieningen (bibliotheek) zijn in de buurt van de school niet te vinden.
9. De school beschikt over een ‘kleinere’ turnzaal. Er wordt tevens gebruikt gemaakt van de Gemeentelijke Sporthal. Daarvoor is wel busvervoer nodig. De school beschikt wel over een beperkt aantal toestellen voor L.O. op de speelplaats.
Praktisch
Gemeentebestuur
van Dentergem
Kerkstraat 1
8720 Dentergem
Tel.: 051/63 61 03
Fax: 051/63 59 00
Burgemeester: Koenraad Degroote
www.dentergemonline.com
Sinds heel wat jaren heeft onze
Veldschool een Vriendenkring, die naast ouders, ook leerkrachten en
sympathisanten bundelt. Er werd effectief gekozen voor een
‘Vrienden’kring, omdat wij ons als ouders in deze familiale school
eerder vrienden voelen, die zich graag inzetten om naschoolse
activiteiten mee te organiseren. Zo kunnen alle ouders zich hier samen
met hun kinderen echt thuis voelen.
Ouders die actief willen meehelpen en meedenken aan de verdere uitbouw
van onze Vriendenkring, kunnen gewoonweg lid worden en mee vergaderen.
Wij zijn uiteraard ook heel tevreden met die ouders die gewoonweg een
handje willen toesteken bij onze activiteiten. Deze worden in
werkgroepjes uitgewerkt. Dit houdt in dat elk lid de taak van
organisator op zich mag/kan nemen. We vergaderen volgens noodzaak, dit
is gemiddeld om de zes à acht weken. De meeste van de activiteiten
concentreren zich rond het schoolbegin. Indien jullie tips hebben,
verzoekjes, verbeteringen aan huidige activiteiten: geef ons een
seintje. Alle helpende handen zijn zeker meer dan welkom.
De Veldschool bestaat uit een kleuterafdeling met drie kleuterklassen en een lagere afdeling met 4 klassen (1e - 2e - 3e+4e - 5e+6e).
In de kleuterschool wordt geen godsdienst- of zedenleerkeuze gemaakt.
Bij de eerste inschrijving van een leerplichtig kind bepalen de ouders bij ondertekende verklaring of hun kind een cursus in een van de erkende godsdiensten of een cursus in de niet confessionele zedenleer volgt. Bij het begin van elk nieuw schooljaar of van schoolverandering kan deze keuze wijzigen. Indien de ouders deze keuze willen wijzigen vragen ze een formulier bij de directeur en bezorgen hem dit uiterlijk binnen de 8 kalenderdagen, te rekenen vanaf 1 september of vanaf de dag van inschrijving in de school.
Ouders die op basis van hun religieuze of morele overtuiging bezwaren hebben tegen het volgen van één van de aangeboden cursussen godsdienst of niet-confessionele zedenleer kunnen op aanvraag bij de directeur een vrijstelling bekomen.
Kleuters kunnen pas worden ingeschreven in de school vanaf de datum dat ze de leeftijd van twee jaar en zes maanden bereiken. Als ze jonger zijn dan drie jaar, mogen ze pas een eerste keer naar school komen op één van de wettelijk opgelegde instapdata, nl.:
- de eerste
schooldag na de zomervakantie
- de eerste schooldag na de herfstvakantie
- de eerste schooldag na de kerstvakantie
eerste schooldag van februari
- de eerste schooldag na de krokusvakantie
- de eerste schooldag na de paasvakantie
- de eerste dag na de hemelvaartvakantie
Een kind is leerplichtig en wordt
toegelaten tot het lager onderwijs op één september van het kalenderjaar
waarin het de leeftijd van zes jaar bereikt. Ouders zijn verplicht er
voor te zorgen dat hun leerplichtig kind daadwerkelijk onderwijs volgt.
Het lager onderwijs duurt in principe zes jaar.
Afwijkingen:
![]()
ouders kunnen hun kind één jaar langer in het kleuteronderwijs houden of
één jaar vroeger het lager onderwijs laten beginnen. Deze beslissing
kunnen de ouders pas nemen nadat ze het advies van zowel de klassenraad
als het CLB-centrum hebben ingewonnen. Deze afwijking blijft beperkt
tot één jaar. Dit zijn leerplichtige leerlingen. De ouders dienen dan
ook alle wettelijke verplichtingen daaromtrent te volgen.
Ouders kunnen hun kind een zevende of achtste jaar in het lager
onderwijs laten blijven.Voor de toelating tot het achtste jaar is een
gunstig advies van de klassenraad en een advies van het CLB-centrum
noodzakelijk.
Ouders van een leerplichtig kind van vreemde nationaliteit moeten ervoor
zorgen dat hun kind daadwerkelijk onderwijs volgt vanaf de zestigste dag
na de inschrijving in het vreemdelingen- of bevolkingsregister.
De beslissing van school te veranderen ligt uitsluitend bij de ouders of in
voorkomend geval bij de persoon die het ouderlijke gezag uitoefent of in feite de
minderjarige onder zijn bewaring heeft.
Elke schoolverandering tussen de eerste schooldag van september en de laatste
schooldag van juni moet door de directie van de nieuwe school aan de directie van
de oorspronkelijke school bij aangetekend schrijven of bij afgifte tegen
ontvangstbewijs
meegedeeld worden. De nieuwe inschrijving is rechtsgeldig de
eerste schooldag na deze mededeling.
Kleuters en lager
|
Maandagvoormiddag |
8.40 u - 11.50 u |
|
Maandagnamiddag |
13.00 u - 15.30 u |
|
Dinsdagvoormiddag |
8.40 u. - 11.50 u |
|
Dinsdagnamiddag |
13.00 u.- 15.30 u |
|
Woensdagvoormiddag |
8.40 u - 1 1.40 u |
|
Donderdagvoormiddag |
8.40 u - 11.50 u |
|
Donderdagnamiddag |
13.00 u - 15.30 u |
|
Vrijdagvoormiddag |
8.40 u - 11.50 u |
|
Vrijdagnamiddag |
13.00 u - 15.00 u |
Vereniging Scoebidoe:
Klik
Ctrl + tekening voor de site
Opvang: elke morgen vanaf 7.00 u, ‘s avonds tot 18.15 u.
Hiervoor zorgt Aurélie (0474/56 04 78 – aurélie.vande.gucht@gmail.com
Fruitsap 0,30
euro
Chocomelk 0,30 euro
Melk 0,30 euro
Soep 0,30 euro
Warm middagmaal
Kleuters 1,90
euro
1e en 2e leerjaar 2,30 euro
3e tot 6e leerjaar 2,50 euro
Revalidatietussenkomsten tijdens de lesuren kunnen enkel schriftelijk
worden aangevraagd door de ouders (of de voogd) van de leerling bij de directeur. Deze aanvraag moet vergezeld zijn van een verslag opgesteld door een geneesheer, een erkend revalidatiecentrum, een CLB-centrum of een dienst voor geestelijke gezondheidszorg. De klassenraad bestaande uit de directeur, de groepsleraar, de taakleraar en de vertegenwoordiger van het CLB-centrum geven advies over deze aanvraag.
De revalidatietussenkomsten mogen niet meer dan twee lestijden van 50 minuten per week bedragen. De revalidatietussenkomsten hebben bij voorkeur plaats in de school. De verplaatsingsduur tijdens de lesuren mag in geen geval meer dan 30 minuten per dag zijn.
Extra-muros-activiteiten zijn de activiteiten georganiseerd voor een groep leerlingen die plaatsvinden buiten de schoolmuren, waarbij de leerlingen deze lessen of activiteiten dienen te volgen.
De extra-muros-activiteiten vormen een deel van het schoolgebeuren van de kinderen. Deze activiteiten worden ingepast in het leerprogramma van de school. Opdat elk kind kan deelnemen aan deze activiteiten voorzien we voor kinderen die, omwille van religieuze, culturele of andere overtuiging andere voedingsgewoonten hebben, aangepaste voeding.We rekenen er dan ook op dat alle ouders hun schriftelijke toestemming geven hun kind deel te laten nemen aan deze activiteiten.
1 In de klas, tijdens de
lessen
![]()
Door een zo groot mogelijke waaier van werkvormen te gebruiken, beoogt men een ruime ontwikkeling te bereiken, waarbij ook accenten gelegd worden op het sociale en emotionele.
Zo kunnen de volgende werkvormen aan bod komen, afhankelijk van de situatie en het onderwerp: voordracht (door leerkracht en leerlingen), groepswerk, hoekenwerk, zelfstandig werken, spelvorm, leerwandeling, contractwerk, individuele begeleiding,
onderwijsleergesprek, kringgesprek.
De leerlingen van de lagere school gaan op vrijdagvoormiddag afwisselend naar de sporthal en naar het zwembad. Telkens worden de lessen gegeven door een bijzondere leermeester L.O. De kleuterleiders verzorgen de bewegingsopvoeding voor de kleuters. Ook de oudste kleuters gaan regelmatig naar het zwembad. Er is voor elke leerling eenmalig een gratis T-shirt met het schoolembleem voorzien.
Er wordt gedifferentieerd waar mogelijk. Vooral door het creëren van subgroepen poogt men niveauverschillen, tempoverschillen, de graad van belangstelling, ... weg te werken. Zelfs klasoverschrijding kan overwogen worden. Een efficiënte differentiatie veronderstelt een grondige observatie en evaluatie van de leerlingen, gekoppeld aan een efficiënte rapportering naar ouders, collega's, CLB, ... (zie ons leerlingvolgsysteem)
4 Computers en educatieve
software
![]()
In elke klas staat minimum één computer (ook in de kleuterklassen). Deze computers zijn verbonden in netwerk met de hoofdcomputer van de directie. Zij zijn vooral bedoeld voor het efficiënt bijhouden van observaties, evaluaties, beschrijvingen van toetsen en remediëringen. Zij worden echter door de leerlingen ook gebruikt in de dagelijkse klassenpraktijk. Zo worden in de 2e en 3e graad wekelijks internetsessies georganiseerd, waarbij de leerlingen o.a. de eigen website van de school en die van andere scholen bezoeken. In de 3e graad worden de leerlingen aangespoord om buitenlandse sites te bezoeken. Daarnaast streeft elke titularis ernaar een aantal educatieve programma's aan de leerlingen aan te bieden, waarbij niet alleen het educatieve van het programma op zich belangrijk is, maar ook, en misschien vooral, het leren omgaan met het medium computer.
5 Van kleuter naar lager, van
lager naar secundair
![]()
Tussen de leerkrachten van de 3e kleuterklas en het 1e leerjaar worden afspraken
gemaakt om een vlotte overgang te waarborgen: klasbezoekjes, gebruik van gelijkaardige materialen, overeenkomstige afspraken tussen kinderen en leerkrachten.
Elk jaar wordt één middelbare school bezocht met de 3e graad, afwisselend een ASO
school en een TSO school. Daarbij wordt zoveel mogelijk informatie aan de zesdejaars
doorgespeeld, i.v.m. de middelbare scholen uit de regio, busdiensten, CLB,
Waar
mogelijk worden doorheen de ganse school afspraken gemaakt om
gelijkaardig te werken, uiteraard aangepast aan het niveau. Daarbij
wordt gedacht aan tijdlijnen, kalenders, weerobservaties, markeringen
van kapstokken, ... die op dezelfde manier doorheen de ganse school
gebeuren.
Voor ons LVS opteren wij voor Omniwize, dit systeem is on line, steeds beschikbaar en gebruiksvriendelijk. Verder is het een uiterst veilige opslagvorm en ook een mooi ogend geheel.
In de kleuterklassen is het observeren van de kinderen zeer belangrijk. Elke observatie wordt nauwgezet vermeld in LVS, zodat de volgende leerkrachten via het doornemen van alle fiches, reeds een scherp beeld krijgen van het kind dat zij in hun klas mogen verwachten.
Observaties zijn leerkracht-klasgebonden. Belangrijke observaties van kinderen uit andere klassen worden ook door de leerkrachten gemeld.
Vanaf dit schooljaar wordt een systeem uitgedokterd om én kleuterafdeling én lagere afdeling consequent te volgen, via een systeem van fiches. We werken er aan.
In de lagere school worden drie keer per jaar examens georganiseerd: voor de kerstvakantie, voor de paasvakantie en op het einde van het schooljaar. De rapportering gebeurt verplicht via Omniwize, waarbij elk examen dient omschreven te worden. Daarnaast wordt ook bij de andere vakanties geheel of gedeeltelijk gerapporteerd.
Het zesde leerjaar neemt informeel, maar consequent, deel aan de OVSG-toetsen, waarbij achteraf een analyse volgt, en de resultaten vergeleken worden met de gemiddelde scores.
De leerlingen van de lagere school krijgen minstens twee keer per week huistaken. Afspraak is dat het beperkte taken blijven, die vooral als bedoeling hebben enerzijds de leerkracht te laten toetsen wat er al dan niet overblijft van de lessen, en anderzijds het kweken van een attitude voor het correct en stipt maken van taken. Bij specifieke taken, zoals het leren van Franse woordjes, en het aanvankelijk lezen, worden de ouders zoveel mogelijk betrokken bij de huistaken.
Elke taak wordt nauwgezet verbeterd, elk schrift regelmatig nagezien. Het nazien wordt gemerkt door een paraaf of een opmerking. Bij verbetering kan een quotering genoteerd worden en verwerkt in LVS.
Verschillende vormen van verbeteren worden toegepast: integraal door de leerkracht, klassikaal, individueel, gedeeltelijk door leerkracht en door leerling (bv. Leerkracht onderstreept de fout, maar verbetert niet, leerkracht duidt de lijn aan waarin een fout staat, de leerling zoekt dan zelf de fout, ...)
Er wordt ook steeds gecontroleerd op orde, netheid, schrift.
Dit wordt zoveel mogelijk vermeden. Zo vlug mogelijk worden probleemgevallen gemeld aan de directie, die in samenwerking met CLB en het schoolteam, een programma opstelt om de leerling bij te trekken. Hierbij worden GOK-leerkracht, Zorg-leerkracht, CLB, logopedie ingeschakeld.
Op
het einde van het jaar wordt door alle partijen geoordeeld of er kan
overgegaan worden, en eventueel met welke consequenties (bv. verder
zetten van het programma). De ouders worden zo snel mogelijk van
eventuele problemen op de hoogte gebracht. Elke conclusie, remediëring,
therapie ... wordt nauwgezet gemeld in Omniwize.
Elk rapport moet worden opgemaakt via Omniwize. Bij elke punteningave moet de toets die tot de quotering geleid heeft, zo goed mogelijk omschreven worden en indien mogelijk gesitueerd in het leerplan, met vermelding van leerlijnen en doelstellingen. Bij onvoldoende resultaat stelt de leerkracht zelf een remediëring voor, die hij ook omschrijft in Omniwize. Hij volgt de leerling op en vermeldt het resultaat van zijn remediëring in LVS. Dit voorkomt dat remediëringen die voor de betrokken leerling niet blijken te werken, ook nog door volgende leerkrachten worden toegepast.
1 De klasagenda van de
leerkrachten
![]()
Daar de agenda een nuttig en nodig instrument is, en op elk ogenblik moet kunnen voorgelegd worden, is er vanuit de directie een sterke vraag naar de leerkrachten om dit instrument consequent in te vullen:
Daarom gelden volgende afspraken:
- Als de gevolgde methode voor een bepaalde les duidelijk de doelen, de
materialen, de lesgang, de evaluatie voor een bepaalde les omschrijft, heeft het geen zin dit over te schrijven in de agenda. Een verwijzing naar met vermelding van pagina('s) is voldoende.
- Als een les door eenzelfde leerkracht reeds een aantal jaar na elkaar voor dezelfde groep gegeven wordt, volstaat een verwijzing naar het klasboek van vorige jaren, als die tenminste kunnen voorgelegd worden.
- Als een les gegeven wordt door een bijzondere leermeester, wordt begin- en
einduur vermeld, samen met het betreffende vak.
- Daar toetsen, evaluaties en remediëringen in Omniwize dienen te worden ingevoerd,
heeft het geen zin deze ook nog eens in het klasboek in te schrijven.
Als de gebruikte methode voor een leerstofonderdeel een jaarplan ter beschikking stelt, wordt dit vooraf getoetst aan de haalbaarheid binnen de school. Dit instrument wordt dan, eventueel aangepast, gedurende het schooljaar gebruikt.
lndien de methode niet voorziet in een planning op jaarbasis, wordt er door de leerkracht zelf een planning opgesteld. Als men voorziet dat de gebruikte methode ook de volgende jaren zal gebruikt worden, stelt men zijn jaarplanning zo op dat ze de volgende jaren ook te gebruiken is, eventueel met aanpassing.
De leerplannen in onze school zijn deze van het OVSG. Via Omniwize beschikt elke leerkracht over de leerplannen wiskunde en taal. De andere leerplannen zijn ter beschikking van de leerkrachten, en kunnen eventueel ook op CD-ROM geraadpleegd worden.
Op school is er een bibliotheek, die elk jaar bijgevuld wordt. De werken zijn aangepast aan het niveau van de leerlingen, waarbij bijzondere aandacht gaat naar de zwakke lezers.
Het gebruik van de boeken is volkomen vrij en gratis. We houden nauwgezet bij wie welk boek ontleent. De boeken, die meegenomen worden naar huis, dienen met zorg behandeld te worden. Elke leerling van de lagere afdeling krijgt een pasje voor de bieb. Tijdens de ontleenmomenten kan men in de zithoek op een rustige manier reeds wat lezen, kijken,… De catalogus van de aanwezige werken staat op de site. Klik eventueel op het blote ventje. (Ctrl+klik)
De inrichting van de klas is de taak van de leerkracht. Hierbij wordt er in de mate van het mogelijke gezorgd voor een gezellige ruimte. De schikking van de tafels is zodanig dat het bord goed kan gezien worden.
Planten in de klas zijn aangenaam. Er wordt echter voor gezorgd dat zij niet storend zijn, en goed onderhouden worden. Hierbij kunnen de leerlingen ingeschakeld worden. Ook bij het afvegen van het bord en het netjes houden van de klas kunnen de leerlingen taken toebedeeld krijgen.
Door de leerkrachten wordt nauwlettend toegezien of leerlingen zich gedragen tegenover anderen, vooral dan zwakkeren. Men moet doorlopend beducht zijn voor alle mogelijke vormen van pestgedrag door de leerlingen. Men moet onmiddellijk ingrijpen met sancties die meestal door de leerkracht kunnen opgelegd worden, maar die in erge gevallen in onderling overleg, eventueel zelfs met de ouders, zullen bepaald worden.
Onze school is een nette school. Op om het even welk moment, op om het even welke plaats, moet de school een voorbeeld van netheid zijn. Uitzonderingen mogen er nooit zijn.
De leerkrachten laten hun leerlingen zo weinig mogelijk zonder toezicht. Alleen als het niet anders kan, mag een klasgroep alleen gelaten worden. Daarom gaan de leerlingen in groep naar de refter, in groep naar de speelplaats, in groep naar de bus. Bij het binnenkomen van de school (na de speeltijden) weerklinken twee belsignalen. De eerste om de rangen te vormen, de tweede bel om stilte te eisen. Complete stilte is het gevolg. Wie dit signaal negeert wordt consequent gestraft.
GSM, MP3-spelers, computerspelletjes en andere elektronische toestellen zijn verboden op school. Alle wapens ( in de brede zin van het woord) zijn ten allen tijde verboden op school. Ook de speelgoedversies vallen onder deze regeling.
Elke vorm van overleg zal vooral tot doel hebben afspraken te maken, of de aanpak van een leerling of leerlingengroep vast te leggen.
Het
is de jarenlange ervaring van het team dat tijdens klasvrije momenten
(speeltijd, middagpauze, ...) vaak informeel overleg gepleegd wordt
tussen enkele of meerdere leden van het team. Dit overleg is zeer
waardevol, maar heeft als nadeel dat er zelden een neerslag wordt van
gemaakt, zodat de teamleden die niet bij het overleg aanwezig waren, er
ook de inhoud niet van te weten komen.
Minstens één keer per maand, in principe de eerste dinsdag van de maand, is er personeelsvergadering. Belangrijke afspraken en doorloopafspraken worden hier gemaakt. Hier wordt ook overleg gepleegd i.v.m. de gehele werking en organisatie van de school, en worden de standpunten van het team bepaald t.o.v. inspectie, inrichtende macht, ouders, CLB,
Ouders worden bij problemen zo snel mogelijk op de hoogte gebracht, en indien mogelijk betrokken bij de te volgen strategie.
lndien er rapporten zijn voor de leerlingen, worden die eerst meegegeven naar huis, en de eerste daaropvolgende schoolweek wordt er op een avond een oudercontact voorzien. Zo hebben de ouders ruimschoots de gelegenheid gehad het rapport grondig te bekijken. De ouders kunnen ook steeds op school terecht, ook na de schooluren als er iemand aanwezig is.
4 Contacten met de inrichtende
macht
![]()
Die verlopen ofwel via de directie, ofwel via de schoolraad. Omwille van het pluralistisch karakter van de school, is er weinig fundamentele inmenging van de i.m. . De i.m. van onze school zorgt vooral voor het materiële en personeelsaspect van de school.
Na elk onderzoek van een leerling of leerlingengroep, volgt er indien nodig een overlegmoment met het CLB. De verantwoordelijke van het CLB komt daarvoor naar de school, of handelt de zaak telefonisch af indien mogelijk.
Bij het begin van het schooljaar wordt er met het CLB overleg gepleegd, en wordt een planning opgesteld, zowel naar het medische als het pedagogische aspect. Het CLB stelt de planning voor met de onderwerpen. De directie tekent voor akkoord.
6 Contacten met de begeleiding
![]()
Er zijn slechts sporadisch contacten met de begeleiding. De school neemt enkel het initiatief bij bijzondere moeilijkheden, of bv. bij de invoering van een nieuwe methode, waarbij aan de begeleiding gevraag wordt of en welke ervaringen er zijn met de mogelijke methodes. Vanuit de begeleiding zelf komt er elk jaar een begeleider een bezoek brengen, waarbij dan een aantal suggesties worden overgebracht.
In tegenstelling tot vroeger komt de inspectie slechts weinig op school. Het is dan ook niet eenvoudig het standpunt van de inspectie i.v.m. het school- en klassengebeuren te kennen. De school neemt echter bij belangrijke zaken het initiatief om de mening van de inspectie te vragen, of de inspectie indien mogelijk, bij het overleg te betrekken.
16
DE LEER- EN VORMINGSGEBIEDEN
Het referentiekader waarbinnen de leer- en vormingsgebieden worden geconcretiseerd, zijn de ontwikkelingsdoelen en eindtermen met de gehanteerde goedgekeurde leerplannen enerzijds, en het eigen pedagogisch project anderzijds.
Belangrijk bij het bepalen van de structuur, is dat de uitgewerkte gebieden een samenhangend geheel vormen.
Bij de keuze van 'methoden' wordt ervan uit gegaan dat één bepaalde methode doorheen heel de school, indien mogelijk, wordt gevolgd.
lndien meerdere methoden voldoen aan de ontwikkelingsdoelen - eindtermen en het goedgekeurde leerplan, dan zal het al dan niet aangeven van een duidelijke planning doorheen het jaar, en het aanwezig zijn van alle deelaspecten van de methodische aanpak, vaak doorslaggevend zijn voor het kiezen voor een bepaalde methode. Wij gaan ervan uit dat alle voorbereidend werk i.v.m. leerstof, taken, evaluatie, remediëring, differentiatie, illustratie, ... in de methode moet aanwezig zijn, zodat de leerkracht zich
maximaal kan toeleggen op de grondige kennis van de gebruikte methode, waarbij hij of zij zeer goed op de hoogte is van wat vooraf ging en van wat komen zal.
Hoewel de aanschaf van een methode een dure aangelegenheid is, zal het team niet aarzelen, indien een bepaalde methode niet blijkt te bieden wat verwacht was, over te schakelen naar een andere. Hierbij zal steeds contact gezocht worden met de begeleiding, andere scholen, inspectie, uitgeverijen. In die optiek is het aangewezen dat de leerkrachten regelmatig de informatiebijeenkomsten van de verschillende uitgeverijen bijwonen, om daar reeds een eerste indruk op te doen.
De gehanteerde leerplannen zijn deze van OVSG, de onderwijscel van de Vereniging van Belgische Steden en Gemeenten (VBSG).
Bij het overschakelen naar een nieuwe methode zal dus in de eerste plaats nagegaan worden of deze methode in overeenstemming is met de leerplannen van OVSG.
Elk kind telt op ’t Veld. Iedereen is uniek, dus iedereen mag een eigen aanpak vereisen. Met ons zorgbeleid pogen we om elk kind datgene te geven waar het recht op heeft. Ieder kind moet de kans krijgen zich volledig te ontwikkelen en daartoe de nodige hulp krijgen. De lessen zijn niet altijd voor iedereen even vlot te volgen, sommigen haken af, anderen krijgen het moeilijk om bij te blijven. Sommige kinderen hebben niet genoeg aan het gewone aanbod. Anderen worstelen met socio-emotionele problemen. De zorgwerking is erop gericht om alle zorgkinderen optimaal te kunnen begeleiden en opvolgen. Daarom beschouwen we de zorguren en GOK–lestijden zoveel mogelijk als 1 pakket. Leerkrachten volgen dagelijks de evolutie op, planmatig wordt er regelmatig getoetst, geobserveerd en ontwikkelingen of vorderingen/tekorten worden besproken en geëvalueerd.
Via het 5 stappenplan proberen we voor elk kind een doeltreffend zorgbeleid uit te stippelen. Dit alles wordt gecoördineerd en gestructureerd door de zorgcoördinator.
Zorg is geen éénmanszaak maar wordt door het hele team gedragen, enkel door een goede en zinvolle samenwerking van alle leden kunnen we spreken van een goed en gedragen zorgbeleid.
Zorgbeleid: het 5-stappenplan, een beknopte uitleg:
Werkwijze:
we maken een onderscheid tussen eerstelijnszorg en tweedelijnszorg:
KORTE TERMIJNZORG = EERSTELIJNSZORG
o =zorg die geen specifieke en langdurige aanpak vereist en door de titularis wordt bijgestuurd.(bv: herhaling van een niet begrepen stuk leerstof, een welbepaalde les herhalen, een concreet probleem, inhaallessen na ziekte…)
o =zorg die zowel klassikaal of in kleinere groepen of individueel kan gebeuren.
o =zorg die zowel klasgebonden preventiemaatregelen alsook klasinterne differentiatie en/of remediëringsmaatregelen kan bevatten.
o Elke klastitularis is verantwoordelijk voor de korte termijn zorg van zijn eigen klas. Neerslag te vinden in LVS-Omniwize.
o Korte termijn zorg (eerstelijnszorg) doet eigenlijk dienst als preventieve maatregel om te voorkomen dat kinderen nog grotere problemen en achterstanden oplopen en dus op lange termijnzorg terecht komen.
LANGE TERMIJNZORG = TWEEDELIJNSZORG
o =als problemen repetitief zijn
o Zorgcoördinator is verantwoordelijk voor de lange termijnzorg, steeds in overleg en nauwe samenwerking met de titularissen en andere leden van het zorgteam.
o We werken naar de oorzaak toe en sluiten wanneer mogelijk aan bij de klassenpraktijk.
o het 5 stappenplan:
1. Signaleren: klassenpraktijk, observaties, taken, rapporten, LVS -testen, AVI –testen of andere testen,…….
2. Analyseren: A. omschrijven/ verhelderen van het probleem, probleem zo concreet mogelijk analyseren (foutenanalyses)
B. MDO organiseren (zorgteam, CLB, eventuele externe hulp zoals logo, GON, REVA,…..)
Tijdens dit MDO worden alle kinderen overlopen, maar enkel de kinderen die op lange termijnzorg terecht komen hebben een neerslag in het LVS-Omniwize.
3. Oplossingen voorbereiden = handelingsplannen opmaken in overleg
4. Oplossingen uitvoeren = handelingsplannen uitvoeren: klasinterne differentiatie en/of remediëringsmaatregelen.
5. evaluaties: A. MDO organiseren(zorgteam, CLB, externe hulp)
B. evaluaties vermelden in LVS-Omniwize, effecten, vorderingen, leerwinst, verdere aanpak……

Via ons leerlingvolgsysteem LVS-Omniwize worden de kinderen nauwgezet geobserveerd en gevolgd. Vorderingen worden bijgehouden, tekorten worden opgemerkt. Zo laat het leerlingvolgsysteem zien hoe elk kind evolueert en ontwikkelt, wat elk kind nodig heeft, waar hulp geboden dient te worden. Dit gebeurt zowel voor het lager als voor het kleuteronderwijs. Al varieert de aanpak natuurlijk want in het kleuteronderwijs wordt er met observatielijsten gewerkt waar het welbevinden en de betrokkenheid en de competenties worden gescreend. Terwijl we in het lager onderwijs meer met testen en toetsen en losse observaties werken.Toetsen van het VCLB - LVS worden tweemaal per jaar afgenomen. Driemaal bij eventuele zittenblijvers. Ook op socio-emotioneel vlak worden de kinderen opgevolgd. Dit alles wordt bijgehouden in ons LVS–Omniwize. Vanuit het zorgteam wordt er advies gegeven aan ouders i.v.m. doorverwijzen van kinderen naar externe hulp: logo, GON, REVA of andere externen. Deze externen zijn nauw betrokken bij de zorgwerking: ze zijn aanwezig bij MDO’S, actiepunten van het GOK-beleidsplan, vergaderingen, nascholingen en ouderavonden, opstellen en uitvoeren en evalueren van handelingsplannen…..overleg met ouders. Het zorgteam geeft advies, steeds na overleg met CLB, naar heroriëntering toe.
Zorg op school heeft zeker ook te maken met het zich goed voelen in een sfeer van waardering en respect voor elkaar. Om dat te achterhalen, worden de leerlingen ook op socio-emotioneel vlak gescreend. Hoe is het met hun welbevinden en betrokkenheid in de klas, op de speelplaats en hun leefomgeving? Een pestbeleid is reeds jaren in ons zorgbeleid aanwezig. (zie item pestverantwoordelijke).
Zorg op maat dient gestructureerd aangebracht te worden, we willen vermijden om brandjes te blussen. Daarom zullen we na signaleren eerst analyseren, daarna oplossingen voorbereiden, vervolgens oplossingen uitvoeren en de gokuren benutten om te remediëren en te differentiëren en te werken aan de problematiek. Na verloop van tijd evalueren en desgewenst bijsturen.
Dus het 5-stappenplan effectief uitvoeren. We gebruiken hierbij 2 cycli per jaar:
Van september tot februari en van februari tot juni. Na iedere cyclus volgt een evaluatie.
Op deze wijze willen we onze zorgkinderen optimaal begeleiden. De neerslag van deze stappen houden we bij via het online LVS-Omniwize. Het leerlingvolgsysteem werkt reeds geruime tijd en biedt mogelijkheden naar én kind, én leerkrachten en externe hulp (CLB, logo, GON, REVA,….)
In dit alles zal de zorgcoördinator fungeren als een verdeelsleutel en helpen naar leerkrachten toe via ondersteuning, planning, … naar leerlingen toe via daadwerkelijke structurele hulp en op schoolniveau via het opstellen van een gedegen zorgbeleid. Dus opdrachten op 3 niveaus: schoolniveau, leerkrachtenniveau en leerlingenniveau. Vanaf het schooljaar 2009-2010 zijn daar ook opdrachten op niveau van de scholengemeenschap bijgekomen.
Het CLB werkt nauw samen met onze school. Zij volgen de gezondheid van onze kinderen op. Ook op leer- en ontwikkelingsgebied bieden zij deskundige hulp en informatie. Zij zijn direct betrokken bij onze zorgwerking, zijn aanwezig bij MDO’S, overleg met ouders, zijn betrokken bij actiepunten van het GOK-beleidsplan en doen verdere analyses van kinderen wanneer dit nodig blijkt. Extra oudercontacten zijn hierbij mogelijk.
Het CLB doet verdere analyse of geeft suggesties aan het zorgteam wanneer dit bij bepaalde leerlingen nodig is.
Het CLB test de ontwikkeling van de kinderen van de derde kleuterklas met het oog op de overgang naar het eerste leerjaar. In het tweede leerjaar testen ze de kinderen op lees- en schrijfproblemen (dyslexie) en ze staan in voor de oriëntering van onze laatstejaars via een ouderavond en individuele infosessies.
De taken van het zorgteam richten zich vooral op de coördinatie en afstemming tussen de verschillende aandachtsgebieden van de leerlingenzorg op school. De interne begeleider helpt de leerkrachten bij het observeren, onderzoeken en begeleiden van leerlingen. De taken situeren zich zoals eerder vermeld op 4 niveaus: schoolniveau, leerkrachtenniveau, leerlingenniveau en op het niveau van de scholengemeenschap.
Hierbij horen volgende taken:
- aanspreekpunt voor elke zorgvraag
- zorgbeleid ontwikkelen: een schoolspecifieke zorgaanpak organiseren
- introduceren en organiseren van een leerlingvolgsysteem
- registreren en dossiers beheren en deze toegankelijk maken voor alle betrokkenen (LVS-Omniwize)
- alle zorg en gokinitiatieven coördineren en ondersteunen
- MDO’s en een overlegstructuur organiseren (intern en extern)
- Het uitvoeren van pedagogisch en didactisch onderzoek: opstellen zorg- en gokbeleidsplan, documentatiemap dyslexie, documentatiemap leesinitiatie, LVS,…rode zorgmap
- samen opvolgen en evalueren van de interventies = handelingsplannen uitvoeren
- samen zoeken naar oplossingen en interventies = handelingsplannen opstellen
- oudergesprekken voeren in samenwerking met de klassentitularis
- info naar ouders sturen i.v.m. zorgwerking (zie brieven ouders)
- zelfevaluatie en bijsturing van zorg- en gokbeleid
- hulp bij leer- of gedragsproblemen aan individuele of groepjes leerlingen
- Het ondersteunen van leerkrachten in
het onderzoek naar aanpakmogelijkheden
voor leerlingen met specifieke hulpvragen.
- klassen overnemen bij afwezigheid van leerkrachten/bij bepaalde omstandigheden
- samenwerken en opstellen van de handelingsplannen en bewaken van het uitvoeren daarvan
- zorg en gokbeleid optimaliseren: het 5 stappenplan opstellen, uitvoeren en opvolgen
- het verwerken van de gegevens in
LVS-Omniwize
- gesprekken voeren met kinderen rond socio-emotionele
problemen
- afnemen, analyseren, bespreken, opvolgen en verwerken van allerhande signaleringstesten in functie van de zorgwerking (lager en kleuter)
- organisatie van contacten met externen (CLB, GON, REVA, nascholers)
- het specifieke remediëren van kinderen bij hardnekkige leer- en ontwikkelingsproblemen (lange termijnzorg)
- uitbouwen van een ortotheek/bibliotheek
- nascholingsaanbod helpen uitbouwen rond zorg
- opstellen en hanteren van een toetsenkalender
- hoogbegaafde kinderen ondersteunen en begeleiden
- intensieve leestrainingen organiseren
- reikt, vraaggestuurd, hulpmiddelen inzake detectie en probleemanalyse
- ondersteunt de titularis bij klasinterne differentiatie, curriculumdifferentiatie, organisatie en uitvoering van verschillende werkvormen (peer-tutoring, niveaulezen,…..)
met het oog op zorgbreed werken.
- gokacties opstellen en opvolgen
- kan, vraaggestuurd, concrete differentiatiemaatregelen opzoeken/aanbieden/ontwikkelen
- projecten uitwerken op niveau van de scholengemeenschap (leesstrategieën)
voor alle scholen van de G8.
- deelnemen en meewerken aan de externe vergaderingen van de scholengemeenschap
- neemt initiatieven om eigen professionalisering te optimaliseren via nascholing en lectuur
- eigen werkwijze reflecteren en bijsturen
- op afgesproken tijdstippen overleggen met de directie
Dit schoolreglement en de afsprakennota (zie Hoofdstuk 14 - slotbepaling) worden door de directeur voorafgaand aan de eerste inschrijving van de leerling en nadien bij elke wijziging overhandigd aan de ouders, die voor akkoord ondertekenen.
Dit schoolreglement eerbiedigt de internationaal rechtelijke en grondwettelijke beginselen inzake de rechten van de mens en van het kind in het bijzonder.
Voor de toepassing van dit schoolreglement wordt verstaan onder:
1 . Schoolbestuur:de inrichtende macht die verantwoordelijk is voor de scholen van de gemeente Dentergem nl. de gemeenteraad. Inzake daden van dagelijks beheer is het college van burgemeester en schepenen bevoegd.
2. Directeur: de directeur van de school of zijn afgevaardigde.
3. Klassenraad: team van personeelsleden dat onder leiding van de directeur of zijn afgevaardigde samen de verantwoordelijkheid draagt voor de begeleiding van en het onderwijs aan een bepaalde leerlingengroep of individuele leerling.
4. Leerlingen: de personen die regelmatig zijn ingeschreven in de onderwijsinstelling.
5. Ouders: de personen die het ouderlijk gezag uitoefenen of in rechte of in feite de minderjarige onder hun bewaring hebben.

6. Aangetekend: met aangetekende brief of tegen afgifte van een gedateerd ontvangstbewijs.
Artikel 4
Regelmatig schoolbezoek
De ouders zijn verplicht erop toe te zien dat hun kind vanaf het begin van de leerplicht regelmatig de school bezoekt. Onder regelmatig schoolbezoek verstaan we het volgen van alle lessen en activiteiten die op het leerplan voorkomen, eventuele vrijstellingen uitgezonderd (bv. een vrijstelling voor zwemmen zal slechts worden toegestaan, indien er gewichtige medische redenen zijn die gestaafd worden door een medisch attest).
Leerlingen die niet aan één- of meerdaagse buitenschoolse activiteiten deelnemen
(stadsklassen, ...) zijn gedurende die periode op school aanwezig. In het kleuteronderwijs engageren de ouders zich ertoe dat hun kleuter in voldoende mate aanwezig is. Concreet betekent dit:
- In het schooljaar waarin een leerling in het kleuteronderwijs drie jaar wordt moet het 150 halve schooldagen aanwezig zijn geweest, of 100 halve schooldagen indien de leerling na 31 december van hetzelfde schooljaar de leeftijd van drie jaar bereikt;
- In het schooljaar waarin een leerling in het kleuteronderwijs vier jaar oud wordt moet het 185 halve schooldagen zijn aanwezig geweest;
- In het schooljaar waarin een leerling in het kleuteronderwijs vijf jaar oud wordt moet het 220 halve schooldagen zijn aanwezig geweest;
Het naleven van dit engagement is verplicht om het recht op een schooltoelage te behouden.
Vrijstelling
In bepaalde gevallen kan de directeur een leerling voor bepaalde lessen of vakken vrijstelling geven. De leerling moet tijdens deze lestijden op school aanwezig zijn. Een doktersattest moet de vrijstelling om medische redenen staven.
Afwezigheden
![]()
§l Kleuteronderwijs
Afwezigheden van niet-leerplichtige kinderen moeten niet worden gewettigd door medische attesten. Afwezigheden worden telefonisch of schriftelijk meegedeeld aan de directeur. Voor een leerplichtige leerling die nog een jaar in het kleuteronderwijs doorbrengt, gelden de regels van het lager onderwijs.
Bij een afwezigheid wegens ziekte
tot en met drie opeenvolgende kalenderdagen bezorgen de ouders aan de
directeur of de groepsleraar een ondertekende verklaring. De verklaring
vermeldt de naam van de leerling, de klasgroep, de reden van
afwezigheid, de begindatum en de vermoedelijke einddatum. lndien tijdens
het schooljaar reeds vier maal van deze mogelijkheid gebruik werd
gemaakt, is een medisch attest vereist.
Bij een afwezigheid wegens ziekte van meer dan drie opeenvolgende
kalenderdagen is steeds een medisch attest verplicht.
Bij een afwezigheid van rechtswege bezorgen de ouders aan de directeur of de groepsleraar een ondertekende verklaring of een officieel document. De verklaring vermeldt de naam van de leerling, de klasgroep, de reden van afwezigheid, de begindatum en de vermoedelijke einddatum.
Het
gaat om volgende gevallen:
- het bijwonen van een familieraad;
- het bijwonen van een begrafenis- of huwelijksplechtigheid van een persoon die onder hetzelfde dak woont als de leerling of van een bloed- of aanverwant van de leerling;
- de oproeping of dagvaarding voor de rechtbank;
- het onderworpen worden aan maatregelen in het kader van de bijzondere jeugdzorg en de jeugdbescherming;
- de onbereikbaarheid of ontoegankelijkheid van de school door overmacht;
- het beleven van feestdagen die inherent zijn aan de door de grondwet erkende levensbeschouwelijke overtuiging van een leerling.
3 Afwezigheid mits
voorafgaandelijke toestemming van de directeur
![]()
Bij een afwezigheid met toestemming van de directeur bezorgen de ouders aan de directeur of de groepsleraar een ondertekende verklaring of een officieel document. De verklaring vermeldt de naam van de leerling, de klasgroep, de reden van afwezigheid, de begindatum en de vermoedelijke einddatum.
Het gaat om volgende gevallen:
- het overlijden van een persoon die onder hetzelfde dak woont of van een bloed- of aanverwant tot en met de tweede graad (het betreft hier niet de dag van de begrafenis);
- het actief deelnemen in het kader van een individuele selectie of lidmaatschap van een vereniging aan culturele en/of sportieve manifestaties. Deze afwezigheid kan maximaal 10, al dan niet gespreide halve, schooldagen per schooijaar bedragen;
- in echt uitzonderlijke omstandigheden afwezigheden voor persoonlijke redenen voor maximaal 4, al dan niet gespreide halve, schooldagen per schooijaar.
4 Afwezigheid wegens
verplaatsingen van de trekkende bevolking
![]()
In uitzonderlijke omstandigheden kan de afwezigheid van kinderen van binnenschippers, kermis- en circusexploitanten en -artiesten en woonwagenbewoners gewettigd zijn om de ouders te vergezellen tijdens hun verplaatsingen.
De
afspraken over de modaliteiten aangaande het onderwijs op afstand en
aangaande de communicatie tussen de school en de ouders worden
vastgelegd in een overeenkomst tussen de directeur en de ouders.
§3 De ouders melden de
vermelde afwezigheden indien mogelijk ook telefonisch aan de
directeur.
![]()
§4 Problematische
afwezigheden
![]()
Alle afwezigheden die niet zijn opgesomd of niet kunnen worden gewettigd zoals beschreven onder §2 worden ten aanzien van de leerling beschouwd als problematische afwezigheden. In deze gevallen zal de directeur contact opnemen met de ouders.
Vanaf meer dan 10 halve schooldagen problematische afwezigheden heeft de school een meldingsplicht ten opzichte van het CLB, dat kan voorzien in begeleiding voor de betrokken leerling in samenwerking met de school.
Artikel 5
§l Leerlingen moeten
tijdig aanwezig zijn
![]()
Een leerplichtige leerling die toch te laat komt, begeeft zich zo spoedig mogelijk naar de klasgroep/directeur. Hij krijgt van de leraar/directeur een formulier dat door de ouders wordt ingevuld en de volgende schooldag aan de groepsleraar wordt afgegeven.
§2 In uitzonderlijke gevallen kan een leerling die daarvoor een gewettigde reden heeft, de school voor de einduren verlaten. Dit kan enkel na toestemming van de directeur.
§l Het onderwijs aan huis
is kosteloos.
![]()
§2 Een leerplichtig kind uit
het lager onderwijs, heeft recht op tijdelijk onderwijs aan huis indien
volgende voorwaarden gelijktijdig zijn vervuld:
![]()
- de leerling is meer dan eenentwintig opeenvolgende kalenderdagen afwezig wegens ziekte of ongeval;
- de ouders dienen een schriftelijke aanvraag, vergezeld van een medisch attest, in bij de directeur. Uit het medisch attest blijkt dat de leerling de school niet kan bezoeken en dat het toch onderwijs mag volgen;
- de afstand tussen de school en de verblijfplaats van de betrokken leerling bedraagt ten hoogste tien kilometer.
§3 De aanvraag voor
tijdelijk onderwijs aan huis gebeurt door de ouders, bij brief of op het
daartoe voorziene aanvraagformulier. Bij de aanvraag voegen de ouders
een medisch attest waarop wordt vermeld:
![]()
- dat het kind langer dan eenentwintig kalenderdagen afwezig is wegens ziekte of ongeval;
- de vermoedelijke duur van de afwezigheid;
- dat het kind de school niet kan bezoeken, maar toch onderwijs aan huis mag volgen
§4 lndien aan al deze
voorwaarden is voldaan, zal de school de dag na het ontvangen van de
aanvraag en vanaf de tweeëntwintigste kalenderdag afwezigheid en voor de
verdere duur van de afwezigheid van het kind, voor vier lestijden per
week onderwijs aan huis verstrekken.
![]()
§5 Bij verlenging van de
afwezigheid moeten de ouders opnieuw een schriftelijke aanvraag,
vergezeld van een medisch attest, indienen bij de directeur.
![]()
§6 Kinderen die na een
periode van onderwijs aan huis de school hervatten, maar binnen een
termijn van drie maand opnieuw afwezig zijn wegens ziekte, hebben
onmiddellijk recht op onderwijs aan huis. Wel moet het onderwijs aan
huis opnieuw worden aangevraagd volgens de procedure beschreven in §3, 2e
en 3e punt.
![]()
§7 De concrete organisatie
wordt bepaald na overleg met de directeur.
![]()
Artikel 7
In
de kleutergroep hebben de leerlingen een heen-en-weerschrift.
In het lager onderwijs krijgen de leerlingen een schoolagenda. Hierin
worden de taken van de leerlingen en mededelingen voor ouders dagelijks
genoteerd.
De ouders en de groepsleraar ondertekenen minstens wekelijks de
schoolagenda of het heen-en-weerschrift.
Artikel 8
De huiswerken worden genoteerd in de schoolagenda. Indien een leerling zijn huiswerk vergeet, kan de groepsleraar de nodige maatregelen nemen.
Artikel 9
Een synthese van de evaluatiegegevens van de leerling wordt neergeschreven in een rapport. Dit rapport wordt bezorgd aan de ouders, die ondertekenen voor kennisneming. Het rapport wordt, in de loop van het schooljaar, ondertekend terugbezorgd aan de groepsleraar.
De procedure volgens dewelke getuigschriften basisonderwijs worden toegekend en de procedure volgens dewelke een beroep kan worden ingediend tegen een beslissing van de klassenraad m.b.t. het getuigschrift basisonderwijs
Het
schoolbestuur kan een getuigschrift basisonderwijs, op voordracht en na
beslissing van de klassenraad, uitreiken.
Het getuigschrift wordt ondertekend door de voorzitter en tenminste de
helft van de leden van de klassenraad, de voorzitter van het
schoolbestuur en de houd(st)er.
Het getuigschrift wordt toegekend uiterlijk op 30 juni van het lopende
schooljaar, tenzij na een beroepsprocedure.
De regelmatige leerling ontvangt
het getuigschrift basisonderwijs indien uit het leerlingendossier blijkt
dat de betrokkene bij het voltooien van het lager onderwijs de doelen
opgenomen in het leerplan in voldoende mate heeft bereikt.
Als de klassenraad het getuigschrift niet toekent, motiveert het zijn
beslissing op basis van het leerlingendossier en deelt het schoolbestuur
dit uiterlijk op 30 juni van het lopende schooljaar aangetekend mee aan
de ouders.
Aan een leerling die het getuigschrift basisonderwijs niet behaalt, wordt door de directie van de school een attest afgeleverd waarin wordt verklaard dat de leerling de lessen in het laatste jaar van de basisschool regelmatig heeft gevolgd.
§l lndien aan de leerling
het getuigschrift basisonderwijs niet wordt toegekend, kunnen de ouders
uiterlijk op de derde werkdag na ontvangst van de schriftelijke
kennisgeving, hun bezwaren kenbaar maken tijdens een persoonlijk
onderhoud met de directeur.
![]()
Van dit onderhoud wordt een verslag gemaakt dat de betrokkenen tekenen voor kennisneming.
Indien de ouders ofwel schriftelijk aan het einde van het onderhoud, ofwel aangetekend uiterlijk binnen de twee werkdagen na het onderhoud, aan de directeur meedelen dat zij hun bezwaren handhaven, kan de directeur de klassenraad onmiddellijk opnieuw samenroepen en wordt de betwiste beslissing opnieuw overwogen.
Indien de klassenraad haar oorspronkelijke beslissing handhaaft, wordt zij opnieuw gemotiveerd en onmiddellijk door het schoolbestuur aangetekend meegedeeld aan de ouders. lndien de directeur de klassenraad niet bijeenroept op grond van de aangebrachte bezwaren, motiveert hij zijn beslissing en deelt het schoolbestuur deze onmiddellijk aangetekend mee aan de ouders.
§2 Uiterlijk vijf werkdagen
na ontvangst van de schriftelijke kennisgeving van de beslissing van de
directeur of van de nieuwe beslissing van de klassenraad, kunnen de
ouders aangetekend een beroep instellen bij de daartoe ingerichte
beroepscommissie.
![]()
Deze beroepscommissie wordt aangesteld door het schoolbestuur.
De beroepscommissie komt bijeen uiterlijk tien werkdagen na het ontvangen van het beroep. De beroepscommissie onderzoekt de klacht op grond van de gevolgde procedure en de ingebrachte motieven en bezwaren. Hiertoe leggen het schoolbestuur en de ouders onverwijld elk stuk voor dat zij opvraagt.
Na
beraadslaging geeft de beroepscommissie een gemotiveerd advies dat
onmiddellijk aangetekend wordt verstuurd naar het schoolbestuur en de
ouders.
§3 Binnen de vijf werkdagen
na kennisname van het advies roept het schoolbestuur de klassenraad
samen.
![]()
lndien de klassenraad haar oorspronkelijke beslissing handhaaft, wordt zij opnieuw gemotiveerd en onmiddellijk door het schoolbestuur aangetekend meegedeeld aan de ouders. Dit schrijven vermeldt dat deze beslissing van de klassenraad voor de Raad van State kan worden aangevochten.
§4
Indien de klassenraad gedurende de beroepsprocedure haar oorspronkelijke
beslissing herziet om het getuigschrift basisonderwijs aisnog toe te
kennen, motiveert hij zijn nieuwe beslissing.
![]()
§5 De ouders kunnen zich
gedurende de procedure laten bijstaan door een raadsman. Dit kan geen
personeelslid van de school zijn.
![]()
§6 De beroepsprocedure wordt
voor de duur van zes weken opgeschort met ingang van 11 juli.
![]()
Artikel 14
Leerlingen die het getuigschrift basisonderwijs niet behalen, krijgen van de directeur een verklaring met de vermelding van het aantal en de soort van gevolgde schooljaren lager onderwijs.
Bij discussie over het al dan niet overgaan naar een volgend leerjaar ligt de uiteindelijke beslissing bij de ouders na voorafgaand advies te aanhoren van de school en het CLB.
Ordemaatregelen
§l
Indien een leerling door zijn gedrag de goede orde in de school in het
gedrang brengt, kan een ordemaatregel worden genomen.
![]()
§2 Gewone ordemaatregelen
kunnen o.m. zijn:
![]()
- een mondelinge opmerking;
- een schriftelijke opmerking in de schoolagenda of het heen-en-weerschrift die de ouders ondertekenen voor gezien;
- een extra taak die de ouders ondertekenen voor gezien.
Deze opsomming sluit niet uit dat een meer aan het specifiek laakbaar gedrag van de leerling aangepaste maatregel wordt genomen.
Deze ordemaatregelen kunnen worden genomen door de directeur of elk personeelslid van de school met een kindgebonden opdracht.
§3 Verdergaande
ordemaatregelen kunnen zijn:
![]()
- Een gesprek tussen de directeur en de betrokken leerling, de directeur maakt hiervan melding in de schoolagenda of het heen-en-weerschrift. De ouders ondertekenen voor gezien.
- De groepsleraar en/of de directeur nemen contact op met de ouders en bespreken het gedrag van de leerling. Van dit contact wordt een verslag gemaakt. Het verslag wordt ondertekend voor kennisname.
- Een afzondering uit de klas, bij beslissing van de directeur, onder toezicht en voor maximum 66 dagen. Dit wordt via de schoolagenda of het heen-en-weerschrift meegedeeld aan de ouders.
§4 Indien vermelde
ordemaatregelen niet het gewenste effect hebben, kan een individueel
begeleidingsplan met meer bindende gedragsregels worden vastgelegd door
de directeur. Dit moet ertoe bijdragen dat een goede samenwerking met
personeelsleden en/of medeleerlingen opnieuw mogelijk wordt.
![]()
Dit begeleidingsplan wordt opgesteld door de groepsleraar en de directeur. Het wordt steeds besproken met de ouders. Het wordt van kracht van zodra de ouders het begeleidingsplan ondertekenen voor akkoord.
lndien
de ouders niet akkoord gaan met het individueel begeleidingsplan, kan de
directeur onmiddellijk overgaan tot het opstarten van een
tuchtprocedure.
§5 De directeur kan een
leerling preventief schorsen telkens voor maximum vijf opeenvolgende
schooldagen in afwachting van een tuchtmaatregel. De directeur moet
vooraf het advies inwinnen van de klassenraad en de leerling en de
ouders horen. De beslissing van de directeur moet met redenen zijn
omkleed. Ten laatste de werkdag volgend op het nemen van de beslissing
wordt deze aangetekend aan de ouders meegedeeld. Ingeval van preventieve
schorsing wordt de leerling uit de leerlingengroep, waartoe hij behoort,
verwijderd. Hij moet op de school aanwezig zijn onder toezicht.
![]()
§6
Tegen geen enkele ordemaatregel is er beroep mogelijk.
![]()
§l Het laakbaar gedrag van
een leerling kan uitzonderlijk een tuchtmaatregel noodzakelijk maken.
![]()
§2 Een tuchtmaatregel kan worden
opgelegd indien het gedrag van de leerling:
![]()
- het ordentelijk verstrekken van opvoeding en onderwijs in gevaar brengt;
- de verwezenlijking van het pedagogisch project van de school in het gedrang brengt;
- ernstige of wettelijk strafbare feiten uitmaakt;
- niet overeenstemt met het eventueel opgesteld individueel begeleidingsplan;
- de naam van de instelling of de waardigheid van het personeel aantasten;
- de instelling materiële schade toebrengt.

§3 Tuchtmaatregelen zijn:
-
De schorsing
Een schorsing betekent dat een leerling gedurende een bepaalde periode
(meer dan 66 dagen en maximum twintig schooldagen binnen één schooljaar)
de lessen niet mag volgen in de leerlingengroep waartoe hij behoort. Hij
moet wel op school aanwezig zijn onder toezicht.
-
De uitsluiting
Uitsluiting betekent dat de leerling definitief uit de school wordt
verwijderd. De uitsluiting gaat in vanaf het moment dat de leerling in
een andere school is ingeschreven, uiterlijk één maand (vakantieperioden
niet inbegrepen) na schriftelijke kennisgeving. In afwachting bevindt de
betrokken leerling zich in dezelfde toestand als een geschorste
leerling.
§4 Zowel schorsing als
uitsluiting kunnen slechts nadat de tuchtprocedure werd gevolgd.
![]()
§5 Er is geen mogelijkheid
tot collectieve uitsluiting: elke leerling moet afzonderlijk worden
behandeld.
![]()
§6 De inrichtende macht kan
de inschrijving weigeren in een school waar de betrokken leerling het
vorige of het daaraan voorafgaande schooljaar definitief werd
uitgesloten.
![]()
Artikel 17
§l Tuchtmaatregelen worden
genomen door de directeur.
![]()
§2 Hij volgt daarbij volgende
procedure:
![]()
1 Hij vraagt advies aan
de klassenraad die het tuchtdossier beoordeelt. De klassenraad stelt een
gemotiveerd advies op.
Indien de klassenraad adviseert om de leerling te schorsen of uit te
sluiten, deelt de directeur aan de ouders mee dat een tuchtprocedure
wordt ingezet. Deze beslissing en het gemotiveerd advies worden binnen
de drie werkdagen na de bijeenkomst van de klassenraad aangetekend
verstuurd aan de ouders. In dit schrijven worden zij opgeroepen tot een
onderhoud met de directeur over de vastgestelde feiten en de
voorgestelde maatregel.
2 De ouders en de
leerling kunnen voor het onderhoud kennis nemen van het tuchtdossier in
het bureau van de directeur na afspraak.
Het onderhoud moet uiterlijk vijf werkdagen na ontvangst van de
kennisgeving plaatsvinden.
Van dit onderhoud wordt een verslag gemaakt dat wordt ondertekend voor
kennisneming.
3. Het onderhoud tussen directeur, de ouders en de leerling en gebeurt enkel op basis van elementen uit het tuchtdossier. Bij de uiteindelijke beslissing kan geen rekening worden gehouden met gegevens die niet vooraf zijn bekendgemaakt en/of die geen deel uitmaken van het tuchtdossier.
4. Na dit onderhoud neemt de directeur een gemotiveerde beslissing omtrent de tuchtmaatregel die aangetekend, binnen de drie werkdagen na het onderhoud meegedeeld wordt aan de ouders.
5. Tegen deze beslissing kan aangetekend beroep worden ingesteld bij het college van burgemeester en schepenen binnen de vijf werkdagen na ontvangst van de mededeling. Binnen de tien werkdagen na het instellen van het beroep wordt de beslissing van het college van burgemeester en schepenen aangetekend aan de ouders meegedeeld. Dit schrijven vermeldt dat de beslissing voor de Raad van State kan worden aangevochten.
§3 De tuchtmaatregel gaat in
daags nadat de termijn om beroep aan te tekenen is verstreken of daags
na de uitspraak van het college van burgemeester en schepenen.
![]()
§4 Bij een definitieve
uitsluiting kunnen de ouders, bij het zoeken naar een andere school,
worden bijgestaan door de directeur of door het CLB. Het tuchtdossier
kan niet worden overgedragen aan een andere school.
![]()
§5 Tijdens de procedure
kunnen de ouders zich laten bijstaan door een raadsman. Dit kan geen
personeelslid van de school zijn.
![]()
§1
Een tuchtdossier van een leerling wordt opgesteld en bijgehouden door de
directeur.
![]()
§2 Het tuchtdossier omvat
een opsomming van:
![]()
- de gedragingen zoals omschreven in artikel 16, §2;
- de reeds genomen ordemaatregelen;
- de gedragingen die niet overeenstemmen met het individueel begeleidingsplan
- de reacties van de ouders op eerder genomen maatregelen;
- het gemotiveerd advies van de klassenraad; het tuchtvoorstel en de bewijsvoering ter zake
Ouders die omwille van bepaalde gedragingen, al dan niet verbaal, dreigingen, scheldpartijen en elke handeling waardoor leerkrachten of leerlingen bedreigd of geïntimideerd worden en daardoor het pedagogische project en het dagelijkse schoolgebeuren verstoren, alsook het niet betalen van schoolrekeningen, kunnen de toegang tot de school en alle met de school verbonden activiteiten worden ontzegd. In spoedgevallen wordt de beslissing genomen door de directeur. Bij minder dringende situaties komt de beslissing van het schoolbestuur.
§l
De school werkt
voor het bereiken van de eindtermen en het nastreven van
ontwikkelingsdoelen met de middelen die door de Vlaamse Gemeenschap en
door het schoolbestuur ter beschikking worden gesteld.
![]()
§2 Om de bijdragen van de ouders inzake niet-eindtermgebonden
onderwijskosten te beperken, kan de school gebruik maken van geldelijke
en niet-geldelijke ondersteuning door derden.
![]()
§3 Dergelijke ondersteuning in de vorm van mededelingen die
rechtstreeks of onrechtstreeks tot doel hebben de verkoop van producten
of diensten te bevorderen, kan enkel in geval van facultatieve
activiteiten en na overleg in de schoolraad.
![]()
§4 De school zal in geval van dergelijke ondersteuning louter
attenderen op het feit dat de activiteit of een gedeelte van de
activiteit ingericht werd door middel van een gift, een schenking, een
gratis prestatie of een prestatie verricht onder de reële prijs door een
bij name genoemde natuurlijke persoon, rechtspersoon of feitelijke
vereniging.
![]()
§5 De bedoelde mededelingen kunnen enkel indien:
![]()
1 Deze mededelingen kennelijk verenigbaar zijn met de pedagogische en onderwijskundige taken en doelstellingen van de school.
2 Deze mededelingen de objectiviteit, de geloofwaardigheid, de betrouwbaarheid en de onafhankelijkheid van de school niet in het gedrang brengen.
§6 In geval van vragen of
problemen met betrekking tot de geldelijke of niet-geldelijke
ondersteuning door derden, richt men zich tot het schoolbestuur.
![]()
§l Het schoolbestuur
vraagt geen direct of indirect inschrijvingsgeld.
![]()
Het schoolbestuur vraagt evenmin een bijdrage voor onderwijsgebonden kosten die noodzakelijk zijn om een eindterm te realiseren of een ontwikkelingsdoel na te streven.
§2 Het schoolbestuur kan een
bijdrage vragen voor onderwijsgebonden kosten, gemaakt tijdens de
normale aanwezigheid van de leerlingen, wanneer deze niet noodzakelijk
zijn om een eindterm te realiseren of een ontwikkelingsdoel na te
streven, maar tot doel hebben deze te verlevendigen.
![]()
Volgende bijdragen kunnen van de leerlingen worden gevraagd, dit in de mate dat het bedrag vastgelegd via decreet in de maximumfactuur niet wordt overschreden. Dit bedrag wordt per jaar en per onderwijsloopbaan bijgehouden en gerespecteerd door de directie.
- de toegangsprijs voor het zwembad, met uitzondering van de leerlingengroep waarvoor de toegangsprijs door de Vlaamse Gemeenschap wordt gedragen;
- de deelnamekosten bij vrijblijvende extra-murosactiviteiten;
- de kosten van gemeenschappelijk vervoer bij pedagogisch-didactische uitstappen,
- de aankoopprijs van turn- en zwemkledij (eerste school-T-shirt is gratis);
- de kosten bij feestactiviteiten.
§3 Persoonlijke uitgaven
zijn facultatief en vallen ten laste van de gebruiker. Het kan gaan om
uitgaven voor:
![]()
- leerlingenvervoer;
- vervoer en deelname aan buitenschoolse activiteiten (o.a. Stichting Vlaamse Schoolsport);
- middagtoezicht;
- maaltijden en dranken;
- abonnementen voor tijdschriften;
- klasfoto's;
- steunacties.
§4 Het schoolbestuur bepaalt
jaarlijks of wanneer de noodzaak zich voordoet, na overleg in de
schoolraad:
![]()
- het maximumbedrag van de leerlingenbijdragen voor onderwijsgebonden kosten;
- de tarieven van de vaste uitgaven;
- de modaliteiten en de periodiciteit van betaling.
Deze informatie wordt bekendgemaakt in de afsprakennota bij de start van het schooljaar.
§5 Het schoolbestuur kan, na
advies van de directeur en in samenspraak met de ouders, een van de
volgende afwijkingen op de leerlingenbijdragen toestaan:
![]()
- vermindering van betaling;
- spreiding van betaling;
- uitstel van betaling;
- kwijtschelding van betaling.
§6 De directeur beslist,
binnen het jaarlijks maximumbedrag van de leerlingenbijdragen voor
onderwijsgebonden kosten, over de occasionele uitgaven. Deze worden
afzonderlijk en schriftelijk meegedeeld aan de ouders.
![]()
§7 In geval van vragen en
problemen omtrent de bijdrage richt men zich tot de directeur![]()
Op school wordt niet gerookt op de speelplaats, de open ruimte van de school en in de gebouwen op schooldagen tussen 6u30 en 18u30.
Het schoolbestuur leeft de verplichtingen na die voortvloeien uit de privacywetgeving.

Gebruik van verborgen camera's
![]()
De school gebruikt geen verborgen
camera's, tenzij met het oog op het vastleggen van feiten of handelingen
die schade toebrengen aan personen of zaken binnen de instelling.
Er moeten ernstige en gestaafde vermoedens bestaan omtrent deze feiten
en handelingen.
Meedelen van leerlingengegevens
aan derden
![]()
De school zal geen
leerlingengegevens meedelen aan derden, tenzij voor de toepassing van
een wettelijke of reglementaire bepaling.
De school kan wel, voorafgaand aan Eerste Communie, Lentefeest, Vormsel
of andere feesten verbonden met de levensbeschouwing van de leerlingen,
een lijst met leerlingen en adressen overmaken aan plaatselijke
handelaars, die er schriftelijk om verzoeken, tenzij de ouders
uitdrukkelijk te kennen geven deze regeling niet te aanvaarden.
Artikel 25
Ouders die het fotograferen van het kinderen nièt wensen, moeten dit schriftelijk melden bij de directie. Wij verbinden ons er toe géén compromitterende foto’s te nemen of te publiceren.
Het
schoolbestuur heeft de directeur aangesteld als vertrouwenspersoon
binnen de school. Hij/zij is bevoegd voor het ontvangen en opvolgen van
klachten over grensoverschrijdend gedrag.
§l Van iedere leerling
wordt een multidisciplinair dossier aangelegd bij het begeleidend CLB.
Dit dossier bevat alle voorhanden zijnde
relevante
persoonlijke gegevens m.b.t. de leerling.
![]()
§2 Het CLB is verplicht
leerlingen en ouders te informeren over de eventuele overdracht van het
multidisciplinair CLB-dossier in geval van schoolverandering.
![]()
§3 In geval van
schoolverandering in de loop van het schooljaar gebeurt de overdracht na
afloop van een wachttijd van 30 dagen, die begint te lopen vanaf de
inschrijving in de nieuwe school.
![]()
§4 In geval van inschrijving
bij de start van het schooljaar gebeurt de overdracht na afloop van een
wachttijd van 30 dagen, die begint te lopen vanaf 1 september van het
nieuwe schooljaar.
![]()
§5 De betrokken ouders
kunnen door middel van een aangetekend schrijven bij de directeur van
het CLB ofwel afzien van de wachttijd om de overdracht te bespoedigen,
ofwel binnen de 30 dagen na inschrijving in de nieuwe school verzet
aantekenen tegen deze overdracht.
![]()
§6
In geval van verzet zal het CLB enkel de verplicht over te dragen
gegevens verzenden naar het nieuwe CLB, met name de medische gegevens en
de gegevens m.b.t. de leerplichtcontrole, samen met een kopie van het
verzet.
![]()
Het CLB bewaart de gegevens waartegen verzet werd aangetekend tot 10 jaar na het laatste contact.
De leerlingen nemen deel aan alle
voor hen bestemde extra-murosactiviteiten.
In geval van niet-deelname, weigeren de ouders schriftelijk volgens de
onderrichtingen van de directeur, die in dit geval zorgt voor aangepaste
opvang.
Vanaf het schooljaar 2009-2010 wordt van de ouders een zeker engagement verwacht ten opzichte van de school, dit om een goede samenwerking tussen school en ouders – gezin – kind te bewerkstelligen. Soms hebben school en/of ouders andere verwachtingen, andere mogelijkheden. Om alles duidelijk te maken engageren de ouders zich nu via deze gemaakte afspraken:
- de ouders zijn aanwezig op de geplande oudercontacten.
- de ouders hebben een positieve ingesteldheid t.o.v. het Nederlands.
- de ouders zorgen er voor dat de kinderen voldoende aanwezig zijn, dat ze op tijd komen, en dat er zeker niet gespijbeld wordt.
- De ouders actief deelnemen aan alle vormen van individuele leerlingbegeleiding.
Meer specifieke regels en afspraken worden na overleg in de schoolraad opgenomen in de afsprakennota van de school.
De afspraken maken integraal deel
uit van het schoolreglement.
|
Onze school werkt samen met het Vrij Centrum voor Leerlingenbegeleiding (VCLB) van Tielt:
VCLB- Tielt Grote Hulststraat 55 bus 1 8700 TIELT Tel. 051 42 66 42 Fax 051 42 66 41 E-mailadres: info@clbtielt.be www.clbtielt.be
Centrum gelegen op 10 minuten wandelafstand van het station van Tielt.
Contactpersoon: Mevrouw Els De Brabandere, directeur Tel. 051 42 66 42 E-mailadres: els.de.brabandere@clbtielt.be
|
Openingsuren: Elke werkdag van 8 u tot 12 u en van 13 u tot 17 u De maandag tot 18 u De vrijdag tot 16.30 u Of op afspraak
Sluitingperiodes: · Allerheiligen: 1 november 2009 · Wapenstilstand: 11 november 2009 · Kerstvakantie: 19 december 2009 tot en met 3 januari 2010 · Open op 21 december en op 30 december 2009 · Paasvakantie: 3 april 2010 tot en met 18 april 2010 · Feest van de arbeid: 1 mei 2010 · Onze Lieve Heer Hemelvaart: 13 mei 2010 · Pinkstermaandag: 24 mei 2010 · Vlaamse feestdag: 11 juli 2010 · Zomervakantie: gesloten van 15 juli 2010 tot en met 15 augustus 2010
|
In het VCLB werken artsen, sociaal verpleegkundigen, psychologen, pedagogen, maatschappelijk werkers… samen om op jouw vragen gepaste oplossingen te helpen zoeken.
We zijn er voor leerlingen, ouders, leerkrachten en school. Gratis.
We bieden informatie, hulp en begeleiding. We werken samen met de school, maar we behoren er niet toe. Je kan dus gerust los van de school bij ons terecht.
Je kan bij ons terecht … Je moet naar het VCLB…
√ als je ergens mee zit of je niet goed in je vel voelt √ op medisch onderzoek
√ je moeite hebt met leren √ als je te vaak afwezig bent op school
√ voor hulp bij studie- en beroepskeuze (leerplichtbegeleiding)
√ met vragen over je gezondheid, je lichaam…
√ voor een overstap naar het buiten-
√ met vragen over vriendschap, verliefdheid, relaties… gewoon onderwijs
√ met vragen over opvoeden, stress, onzekerheid… √ om vroeger of net later aan de
√ voor inentingen lagere school te beginnen
√ bij een niet zo voor de hand
liggende instap in het eerste
Aarzel niet om ons te contacteren of kom even langs! leerjaar A of B van het secundair
onderwijs
Het VCLB- team voor onze school bestaat uit
VCLB |
Dr. Mieke Van Hoey |
Tel. 051 42 66 42 |
E-mail : mieke.vanhoey@clbtielt.be |
|
een paramedisch werker |
Katrien Huys |
Tel. 051 42 66 42 |
E-mail : katrien.huys@clbtielt.be |
|
een maatschappelijk werker |
Fabienne Degryse |
Tel. 051 42 66 42 |
E-mail : fabienne.degryse@clbtielt.be |
|
een psychologisch- pedagogisch consulent |
Gerda Van Daele
|
Tel. 051 42 66 42 |
E-mail : gerda.vandaele@clbtielt.be |
We starten de begeleiding pas als jij (vanaf 12 jaar) hiermee instemt.
Ben je jonger dan 12 jaar dan moeten jouw ouders hiermee instemmen.
De VCLB- tussenkomsten zijn verplicht te volgen als het gaat om de medische onderzoeken, de leerplichtbegeleiding en de acties die worden genomen in verband met besmettelijke ziektes.
Het VCLB- dossier
Kom je bij ons voor begeleiding, dan maken we een dossier. Daarin komt alles wat met jou en de begeleiding te maken heeft.
We houden ons aan volgende regels:
√ in het dossier komen enkel gegevens die nodig zijn voor de begeleiding
√ we behandelen de gegevens met de nodige vertrouwelijkheid en zorgvuldigheid
√ we houden ons aan het beroepsgeheim en het ‘decreet rechtspositie minderjarigen’
Alle dossiergegevens worden bewaard op het Centrum voor Leerlingenbegeleiding. Onder de verantwoordelijkheid van de directeur die het dossier verder beheert, wordt het dossier gedurende 10 jaar na het laatste medisch onderzoek of vaccinatie bewaard. Daarna wordt het dossier vernietigd.
Het dossier inkijken?
Ben je jonger dan 12 jaar dan mogen jouw ouders of voogd het dossier inkijken op het centrum.
Dit geldt wel niet altijd en niet voor het volledige dossier. Voor gezondheidsgegevens in het dossier beslist de arts.
Vanaf 12 jaar mag je meestal het dossier inkijken. Er bestaan daarop enkele uitzonderingen. Jouw ouders of voogd mogen het dossier enkel inkijken met jouw toestemming.
Het dossier inkijken gebeurt steeds door een gesprek met het begeleidende VCLB- team.
Je kan een kopie vragen van de gegevens die je mag inkijken. Die kopie is vertrouwelijk en mag niet voor iets anders dienen dan voor jeugdhulp.
Gegevens over jezelf mag je laten verbeteren en aanvullen.
Ga je naar een andere school dan gaat je dossier naar het CLB waar die school mee samenwerkt.
Je kan je daartegen verzetten maar sommige gegevens geven we verplicht door. Dit kan je niet weigeren: identificatiegegevens, gegevens over leerplicht, inentingen, medisch onderzoeken en de opvolging hiervan.
Wil je niet dat je hele dossier naar je nieuwe CLB gaat dan moet je binnen de 10 kalenderdagen na je inschrijving in de andere school dit met een aangetekend schrijven laten weten aan de directeur van je (oude) CLB.
Een klacht?
Heb je een klacht dan luisteren we er graag naar. We hebben een vaste werkwijze om klachten bespreekbaar te maken en te behandelen. Vraag er naar bij jouw VCLB.
Besmettelijke ziektes
Als jouw kind of één van de huisgenoten één van onderstaande besmettelijke ziektes heeft, gelieve dan zo snel mogelijk jouw school of rechtstreeks jouw VCLB- team hiervan op de hoogte te brengen.
Besmettelijke ziektes zijn : buiktyfus, hepatitis A, hepatitis B, meningokokkenmeningitis, poliomyelitis, difterie, roodvonk, besmettelijke tuberculose, shigellose (dysenterie), salmonellose, kinkhoest, bof, mazelen, rubella, schurft, windpokken, impetigo, schimmelinfecties van de schedelhuid of van de gladde huidontagiosa (parelwratten), hoofdluizen, klierkoorts, HIV- infectie.
Op onderzoek
Elke leerling moet verschillende keren op medisch onderzoek bij de VCLB- arts en de verpleegkundige.
Dit is in de eerste kleuterklas (3/4 jaar), de tweede kleuterklas (4/5 jaar), het eerste jaar lagere school (6/7 jaar), het derde jaar lagere (8/9 jaar), het vijfde jaar lagere (10/11 jaar), het eerste secundair (12/13 jaar) en het derde secundair (14/15 jaar). Het VCLB biedt gratis inentingen aan.
Daarbij volgen wij het vaccinatieprogramma aanbevolen door de overheid. Om ze te krijgen moeten jouw ouders toestemming geven.
De ouders of de leerling vanaf 12 jaar kunnen via een aangetekend schrijven gericht aan de directeur van het VCLB verzet aantekenen tegen het uitvoeren van een verplicht onderzoek door een arts van het VCLB. Binnen een termijn van 90 kalenderdagen dient de persoon die verzet aantekent, het verplichte onderzoek te laten uitvoeren door een andere arts van hetzelfde CLB, een arts van een ander CLB of een andere arts buiten het CLB die beschikt over het nodige bekwaamheidsbewijs. In dit geval zijn de kosten ten laste van de ouders.

|
VCLB-tekst voor schoolreglement- Opgemaakt op 3 juni 2009- Verantwoordelijke : VCLB-directie EDB |
